Maandelijkse archieven: juni 2026

Loopbaanradar: hoe toekomstbestendig ben jij als freelancer?

Hoe kijk jij als freelancer naar de toekomst? Welke veranderingen raken jou het meest en hoe ga je daarmee om? Om daar zicht op te krijgen, lanceren professoren verbonden aan de Antwerp Management School Sofie Jacobs en Ans De Vos de Loopbaanrader: een grootschalig onderzoek naar werk in disruptieve tijden. En daar betrekken ze iedereen bij: ceo’s, werknemers, ondernemers en freelancers. 

Hoe zijn jullie op het idee gekomen om deze survey te lanceren?

“Vanuit ons onderzoek naar duurzame loopbanen en werk zien we al langer dat loopbanen vandaag onder druk staan. Mensen moeten langer werken, jobs veranderen door digitalisering en AI, organisaties worden geconfronteerd met krapte op de arbeidsmarkt, en tegelijk zien we dat werkbaarheid, motivatie en gezondheid niet vanzelfsprekend zijn. De klassieke loopbaanlogica (eerst studeren, dan jarenlang werken in een min of meer stabiele job, en daarna met pensioen), sluit steeds minder aan bij de realiteit.”

Wat hebben mensen nodig om ook in de toekomst productief, tevreden en gezond aan het werk te blijven?

“Daarom vonden we dit een belangrijk moment om een brede stand van zaken op te maken. Niet vanuit één specifiek probleem, zoals burn-out, langer werken of AI, maar vanuit de vraag hoe al die veranderingen samen wegen op loopbanen. Wat hebben mensen nodig om ook in de toekomst productief, tevreden en gezond aan het werk te blijven? En hoe kunnen ze daarin ondersteund worden?”

“Met de Loopbaanradar willen we dus letterlijk de radar aanzetten: waar zitten de sterktes, waar zitten de kwetsbaarheden, en waar moeten we als samenleving, organisaties en individuen meer aandacht voor hebben? Wat de survey ook bijzonder maakt, is dat we verschillende perspectieven samenbrengen: werknemers, zelfstandigen/freelancers en HR-professionals of organisaties. Zo kunnen we nagaan waar die perspectieven samenvallen, maar ook waar er blinde vlekken of spanningen zitten.”

Met de Loopbaanradar willen we letterlijk de radar aanzetten: waar zitten de sterktes, waar zitten de kwetsbaarheden, en waar moeten we als samenleving, organisaties en individuen meer aandacht voor hebben?

“De survey kadert ook binnen de SD Worx-leerstoel aan Antwerp Management School. Later volgend academiejaar, in maart 2027, vieren we 15 jaar van die leerstoel. Dat is een goed moment om niet alleen terug te kijken, maar vooral vooruit te kijken: hoe ziet toekomstbestendig loopbaanbeleid eruit in de komende jaren?”

Waarom is het voor freelancers ook belangrijk om hun stem te laten horen?

“Freelancers worden vaak gezien als mensen die bewust kiezen voor autonomie, vrijheid en flexibiliteit. Dat klopt voor velen ook, en dat zijn belangrijke troeven van freelancewerk. Maar net daardoor dreigt hun loopbaanrealiteit soms te weinig zichtbaar te zijn in het bredere debat over werk en loopbanen.”

De arbeidsmarkt is veel diverser geworden. Freelancers, zelfstandigen en mensen met hybride loopbanen maken daar een steeds belangrijker deel van uit.

“Loopbaanbeleid is vooral gericht op werknemers in organisaties. Denk aan opleiding, doorgroeimogelijkheden, welzijnsbeleid, loopbaangesprekken of interne mobiliteit. Freelancers vallen daar buiten, terwijl zij ook moeten blijven leren, zich moeten herpositioneren, hun netwerk moeten onderhouden, periodes van onzekerheid moeten opvangen en hun gezondheid en motivatie duurzaam moeten bewaken. Hun stem is dus essentieel. Als we willen begrijpen hoe toekomstbestendig loopbanen vandaag zijn, dan mogen we niet alleen kijken naar klassieke werknemersloopbanen. De arbeidsmarkt is veel diverser geworden. Freelancers, zelfstandigen en mensen met hybride loopbanen maken daar een steeds belangrijker deel van uit.”

“Bovendien kunnen freelancers ons veel leren over loopbaanzelfsturing. Zij zijn eigenlijk verplicht om expliciet zelf na te denken over hun waarde op de arbeidsmarkt, hun netwerk, hun ontwikkeling en hun volgende stap. Tegelijk kan net die autonomie kwetsbaar worden als er te weinig ondersteuning, zekerheid of collectieve inbedding is. Daarom is het belangrijk dat hun ervaringen mee worden meegenomen in de Loopbaanradar.”

Freelancers kunnen ons veel leren over loopbaanzelfsturing.

Wat maakt volgens jullie een freelance loopbaan vandaag duurzaam of net kwetsbaar?

“Een duurzame freelance loopbaan is voor ons niet alleen een loopbaan die financieel gezien succesvol is. Het gaat niet enkel over voldoende opdrachten of inkomen. Vanuit het perspectief van duurzame loopbanen kijken we naar drie dimensies: kan iemand op lange termijn productief blijven (inzetbaar), zich gezond voelen, en tevreden zijn met de loopbaan die hij of zij uitbouwt?”

“Voor freelancers betekent dat bijvoorbeeld dat ze voldoende inzetbaar blijven, hun competenties blijven ontwikkelen, een sterk en divers netwerk hebben, en niet afhankelijk worden van één opdrachtgever of één type opdracht. Het betekent ook dat ze keuzes kunnen maken die passen bij hun waarden, energie en levensfase. Autonomie is dus een grote kracht, maar alleen als die autonomie ook gedragen wordt door voldoende middelen: tijd om te leren, financiële buffers, sociale steun, toegang tot relevante netwerken en een realistisch zicht op toekomstige kansen.”

“De kwetsbaarheid zit vaak net in de keerzijde van die autonomie. Freelancers zijn in grote mate zelf verantwoordelijk voor hun loopbaanontwikkeling, welzijn, reputatie, opdrachtenstroom en sociale bescherming. Dat kan veel vrijheid geven, maar ook veel druk. Er is geen HR-afdeling, leidinggevende of organisatie die meekijkt naar ontwikkeling, werkdruk of duurzame inzetbaarheid.”

Een freelance loopbaan wordt duurzaam wanneer vrijheid, ontwikkeling, netwerk, gezondheid en financiële leefbaarheid met elkaar in balans blijven.

“Daarnaast zien we dat freelancers soms vooral bezig zijn met de korte termijn: de volgende opdracht, de volgende deadline, de volgende klant. Dat is begrijpelijk, maar het kan maken dat er te weinig ruimte overblijft voor strategische loopbaanreflectie. Waar wil ik naartoe? Welke opdrachten geven mij energie? Welke competenties moet ik ontwikkelen? Hoe voorkom ik dat ik mezelf vastwerk in een niche die vandaag goed loopt, maar morgen minder toekomstbestendig is? Een freelance loopbaan wordt dus duurzaam wanneer vrijheid, ontwikkeling, netwerk, gezondheid en financiële leefbaarheid met elkaar in balans blijven. Ze wordt kwetsbaar wanneer één van die elementen structureel onder druk komt te staan.”

Als je vandaag al één advies zou mogen geven aan freelancers die zich afvragen hoe toekomstbestendig hun loopbaan is, wat zou dat zijn?

“Ons advies zou zijn: kijk niet alleen naar hoe goed je freelance loopbaan vandaag loopt, maar ook naar wat ze nodig heeft om over vijf of tien jaar nog steeds werkbaar, waardevol en betekenisvol te zijn.”

Voor ons is dat de kern van een toekomstbestendige loopbaan: niet alleen bezig zijn met ‘aan het werk blijven’, maar met de vraag hoe je op een gezonde, tevreden en productieve manier aan het werk kan blijven.

“Een freelance loopbaan duurzaam houden is niet hetzelfde als voortdurend méér doen. Het gaat soms net over bewuster kiezen. Over durven investeren in leren, in netwerken, in samenwerking, in herstel, en in opdrachten die passen bij je talenten en waarden. Voor ons is dat de kern van een toekomstbestendige loopbaan: niet alleen bezig zijn met ‘aan het werk blijven’, maar met de vraag hoe je op een gezonde, tevreden en productieve manier aan het werk kan blijven.”

“Dat is ook waarom we freelancers graag uitnodigen om de Loopbaanradar in te vullen. De survey kan een moment zijn om even stil te staan bij die vragen, en tegelijk bij te dragen aan een beter begrip van freelance loopbanen in België.”

Wat hopen jullie met de resultaten van deze survey te bereiken?

“We hopen in de eerste plaats een scherper beeld te krijgen van hoe mensen in België, en dus onder andere ook freelancers, vandaag naar hun loopbaan kijken. Waar voelen ze zich sterk? Waar maken ze zich zorgen over? Wat hebben ze nodig om inzetbaar, gezond en gemotiveerd te blijven? En zijn er verschillen tussen werknemers, freelancers en organisaties?”

“Daarnaast willen we de resultaten gebruiken om het maatschappelijke debat over loopbanen te verdiepen. Vandaag wordt vaak in losse thema’s gedacht: burn-out, langer werken, arbeidsmarktkrapte, AI, opleiding, flexibiliteit. Dat zijn allemaal belangrijke thema’s, maar ze hangen ook samen. Met de Loopbaanradar willen we net dat bredere loopbaanperspectief zichtbaar maken.”

“We hopen dat de Loopbaanradar een spiegel kan zijn. Een uitnodiging om stil te staan bij de eigen loopbaan: ben ik nog aan het leren? Heb ik voldoende energie? Zie ik toekomst in wat ik doe? Heb ik mensen rond mij die mij ondersteunen? Uiteindelijk willen we met dit onderzoek bijdragen aan loopbanen die niet alleen langer duren, maar ook duurzamer zijn: loopbanen waarin mensen productief, gezond én tevreden kunnen blijven werken.”

Over het onderzoek Loopbaanradar

Het onderzoek Loopbaanradar onderzoekt hoe de veranderingen van vandaag een impact hebben op hoe we werken, keuzes maken en naar loopbanen kijken. Jouw mening is zeer gegeerd.  Neem deel aan de Loopbaanradar. Het invullen van de vragen duurt maximaal 10 minuten en de resultaten worden later ook gedeeld via NextConomy.

Loopbaanradar is een grootschalig onderzoek naar werk in disruptieve tijden. De studie is een samenwerking tussen Antwerp Management School, SD Worx, Bpact/Indiville, Het Nieuwsblad en HR Magazine, en kadert binnen de viering van 15 jaar SD Worx-leerstoel ‘Next Generation Work’.

Lees ook :

Geplaatst in Ondernemen & freelancen | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Loopbaanradar: hoe toekomstbestendig ben jij als freelancer?

30 juni 2026: breekpunt voor de Vlaamse ouderenzorg?

Terwijl de zorgsector blijft kampen met personeelstekorten en toenemende zorgvragen, groeit de nervositeit op het terrein. Op 30 juni 2026 valt de regeling weg die zelfstandige zorgverleners en uitzendkrachten meetelt voor financiering. Woonzorgcentra proberen hun personeelsplanning op orde te houden, zelfstandige zorgverleners vragen zich af wat de impact zal zijn op hun opdrachten en bemiddelingsplatformen volgen de situatie nauwgezet op. De grote vraag blijft voorlopig onbeantwoord: kiest Vlaanderen voor continuïteit, of komt er een fundamentele koerswijziging?

Hoe werkt de financiering vandaag?

Vandaag kunnen woonzorgcentra zelfstandige verpleegkundigen, zelfstandige zorgkundigen en bepaalde uitzendkrachten inzetten zonder dat dit hun overheidsfinanciering negatief beïnvloedt. De prestaties van die medewerkers tellen mee in de berekening van de financiering, op voorwaarde dat ze binnen erkende categorieën vallen.

Die financiering werkt via een referentieperiode van twaalf maanden, die telkens een half jaar vóór het facturatiejaar ligt. Dat betekent concreet dat de financiering voor 2027 wordt berekend op basis van prestaties tussen 1 juli 2025 en 30 juni 2026.

Voor veel woonzorgcentra is dit geen detail, maar een essentieel onderdeel van hun personeelsstrategie. In een context waarin vacatures maandenlang openstaan en uitval door ziekte structureel hoog blijft, zijn flexibele zorgverleners vaak noodzakelijk om de continuïteit van de zorg te garanderen.

In een context waarin vacatures maandenlang openstaan en uitval door ziekte structureel hoog blijft, zijn flexibele zorgverleners vaak noodzakelijk om de continuïteit van de zorg te garanderen.

Tot en met 30 juni 2026 blijven de volgende profielen financierbaar: zelfstandige verpleegkundigen en zorgkundigen via ondernemingscontracten, personeel via uitleningsovereenkomsten tussen zorgvoorzieningen en zorgkundige uitzendkrachten via erkende uitzendkantoren.

Belangrijk daarbij is dat niet alle uitzendkrachten onder dezelfde regels vallen. Dat zorgt vandaag voor verwarring in de sector. Verpleegkundige uitzendkrachten via erkende interimkantoren blijven financierbaar zonder voorziene einddatum in de regelgeving. Voor zorgkundige uitzendkrachten ligt dat anders: zij vallen onder dezelfde tijdelijke regeling als zelfstandigen en dreigen hun financierbaarheid te verliezen wanneer de maatregel afloopt.

Wat gebeurt er na 30 juni 2026?

Die vraag houdt vandaag heel wat directies van woonzorgcentra bezig. In mei 2025 verlengde het Vlaamse Departement Zorg de tijdelijke flexibiliseringsmaatregel nog met één jaar. Daarbij werd expliciet vermeld dat het om een laatste verlenging ging en dat structurele maatregelen in voorbereiding waren.

Toch blijft het amper enkele weken voor de deadline opvallend stil.

Er zijn voorlopig geen officiële richtlijnen over wat na juli 2026 volgt. Daardoor blijven twee scenario’s overeind.

  • In een eerste scenario kiest Vlaanderen voor een structurele regeling waarin externe krachten financierbaar blijven. Mogelijk gebeurt dat onder aangepaste voorwaarden of met strengere omkadering, maar blijft flexibiliteit wel deel uitmaken van het zorgmodel.
  • Een tweede scenario is dat de overheid resoluut de kaart trekt van uitsluitend loontrekkend personeel. In dat geval zouden woonzorgcentra zelfstandige medewerkers of uitzendkrachten nog wel kunnen inzetten, maar zonder financiële compensatie. De volledige kost zou dan op de eigen begroting terechtkomen.

Voor voorzieningen die vandaag al financieel onder druk staan, zou dat een zware impact kunnen hebben.

“Ik pleit voor een structurele verankering van flexibele arbeid in de zorg, mét duidelijke spelregels en transparante governance.” Sidney Ameel, Ondia

Ondia: “De sector heeft nood aan pragmatische regels”

Sidney Ameel, CEO en oprichter van Ondia

Volgens Sidney Ameel, CEO en oprichter van Ondia, is de huidige regeling uitgegroeid tot een noodzakelijk instrument in een zorgsector die al jaren kampt met tekorten.

Hij noemt de financiering van zelfstandige – en interimzorgverleners een pragmatische maatregel die woonzorgcentra toelaat snel te reageren op acute tekorten en onvoorziene situaties. Zeker tijdens vakantieperiodes, ziektegolven en onverwachte uitval blijkt die flexibiliteit volgens hem cruciaal.

Tegelijk uit Ameel forse kritiek op de tijdelijke aard van de regelgeving. Dat de overheid de maatregel telkens opnieuw voor één jaar verlengt – vaak met de boodschap dat het “de laatste keer” zou zijn – ondermijnt volgens hem de voorspelbaarheid waar zorgorganisaties nood aan hebben.

“Zorginstellingen moeten hun personeelsbeleid maanden vooruitplannen”, klinkt het. “Wanneer er voortdurend onzekerheid bestaat over financiering, wordt het bijzonder moeilijk om strategische keuzes te maken.”

Volgens Ameel leeft die onzekerheid vandaag niet alleen bij organisaties, maar ook bij zelfstandige zorgverleners zelf. Veel professionals vragen zich af of hun opdrachten zullen blijven bestaan en of woonzorgcentra hen financieel nog zullen kunnen inschakelen.

“Ik verwacht echter niet dat Vlaanderen de huidige regeling zonder alternatief zal laten uitdoven. De arbeidsmarktrealiteit maakt dat weinig waarschijnlijk. De personeelsschaarste blijft groot, terwijl de zorgvraag verder stijgt door de vergrijzing.”

Mocht de financiering toch wegvallen, vreest hij een dubbele negatieve impact. “Enerzijds zouden woonzorgcentra geconfronteerd worden met hogere kosten, anderzijds zou de druk op vaste medewerkers toenemen. Meer overuren, hogere werkdruk en extra ziekteverzuim dreigen het gevolg te zijn.”

“Het risico bestaat dat woonzorgcentra uiteindelijk zorgaanbod moeten afbouwen, omdat ze de personeelsbezetting simpelweg niet meer rond krijgen”, waarschuwt hij. “Daarom pleit ik voor een structurele verankering van flexibele arbeid in de zorg, mét duidelijke spelregels en transparante governance. De focus moet liggen op werkbare oplossingen, niet op ideologische discussies over statuten.”

De focus moet liggen op werkbare oplossingen, niet op ideologische discussies over statuten.

ClickCare: “Flexibele zorgverleners zijn deel van de oplossing”

Hanna Goemans, CEO en oprichter van ClickCare

Ook bij ClickCare klinkt bezorgdheid. CEO en oprichter Hanna Goemans vreest dat een financieringsstop de druk op een al overbelast systeem nog verder zal vergroten.

“Het beleid focust de voorbije jaren steeds sterker op vaste tewerkstelling, terwijl de realiteit op de werkvloer vaak anders oogt. Veel vaste medewerkers draaien vandaag al structureel extra uren, nemen bijkomende verantwoordelijkheden op en vangen voortdurend personeelstekorten op. Dat systeem botst op haar grenzen.”

Goemans waarschuwt dat extra druk kan leiden tot meer uitval, burn-out en uiteindelijk uitstroom uit de sector. “Wie vandaag in een woonzorgcentrum werkt, doet vaak al het maximale. Als ook de flexibele ondersteuning wegvalt, dreigt de rek eruit te zijn.”

Ze benadrukt dat zelfstandige – en interimzorgverleners volgens haar ten onrechte soms als een probleem worden bekeken. In de praktijk nemen zij vaak net de moeilijkste opdrachten op: nachtshifts, weekends en last-minute invallen waarvoor intern geen oplossing gevonden wordt.

“Flexibele medewerkers zijn geen bedreiging voor vaste teams”, stelt Goemans. “Ze zorgen ervoor dat vaste medewerkers niet voortdurend overbelast worden.”

Daarnaast wijst ze op een bredere maatschappelijke evolutie. “Veel zorgprofessionals kiezen vandaag bewust voor een flexibel werkmodel, met meer autonomie en een betere balans tussen werk en privéleven. Vanuit ClickCare oordelen we dat het weinig realistisch is te denken dat deze groep massaal zal terugkeren naar een klassiek loondienstmodel als de financiering wegvalt.

Integendeel: de kans bestaat dat een deel van deze professionals de zorgsector volledig verlaat. Dat zou bijzonder jammer zijn in een sector waar elk paar extra handen telt.”

Goemans ziet flexibiliteit dan ook niet als een tijdelijke noodoplossing, maar als een structureel onderdeel van een duurzaam zorgsysteem. Volgens haar ligt de toekomst in een slimme combinatie van vaste teams en een flexibele schil van zorgverleners die snel kunnen inspelen op noden.

Eén duidelijke vraag vanuit het werkveld: duidelijkheid

Ondanks verschillen in accenten zijn zowel Ondia als ClickCare het over één zaak eens: de sector heeft dringend nood aan duidelijkheid.

Woonzorgcentra moeten budgetten opmaken, personeelsplanningen afronden en strategische keuzes maken voor de komende jaren. Zonder zicht op de toekomstige financiering blijft dat bijzonder moeilijk.

De discussie gaat bovendien over meer dan alleen budgetten. Ze raakt aan een fundamentele vraag: hoe organiseer je kwalitatieve ouderenzorg in een samenleving waar de vraag stijgt, maar personeel steeds moeilijker te vinden is?

“Flexibele medewerkers zijn geen bedreiging voor vaste teams. Ze zorgen er net voor dat vaste medewerkers niet voortdurend overbelast worden.” Hanna Goemans, ClickCare

Meer weten over werken met externe talenten in de zorgsector? 

Download de gratis NextConomy Gids voor Opdrachtgevers in de Zorg in Vlaanderen. Vraag hier het rapport aan.


Nota van de NextConomy redactie: inmiddels hebben we bericht ontvangen uit de sector dat de financiering in alle stilte is uitgebreid tot 30 juni 2027. Helaas is er nog geen officiële bevestiging. We houden je op de hoogte zodra er meer duidelijkheid is. Wat wel duidelijk is, is dat er nog steeds geen duurzame visie en beleid is om de noden aan arbeid in de zorg af te stemmen op de realiteit van de arbeidsmarkt en de vragen van werkenden.


Lees ook

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor 30 juni 2026: breekpunt voor de Vlaamse ouderenzorg?