Maandelijkse archieven: juli 2025

“We zullen ‘arbeidsmarketing’ moeten toepassen.” Arbeidsmarktexpert Jeroen Franssen over de nood aan een redesign van onze jobs

De roep naar flexibele invulling van werk klinkt – toch wel in tegenstelling met wat vakorganisaties lijken te claimen – niet enkel luid en duidelijk bij werkgevers of opdrachtgevers. Misschien wel net integendeel. Werkenden willen zelf alsmaar nadrukkelijker hun job op maat kunnen invullen. Vaak omdat die flexibiliteit – voor bijvoorbeeld een jonge vader of een 50-jarige dame die werk combineert met zorgtaken voor haar ouders – praktisch gewoon keihard nodig is. Soms ook simpelweg omdat een bepaalde vorm van flexibiliteit meer comfort biedt in de persoonlijke privé- en werkbalans. Een betere balans die vervolgens niet zelden leidt tot sterkere resultaten en performantie. En dat komt uiteraard weer de onderneming ten goede.

Het product ‘job’ is te lang een standaardproduct gebleven

Franssen steekt van wal met een vergelijking: “In de marketing klinkt het simpel en logisch. Een onderneming maakt een product dat binnen haar capaciteiten haalbaar is en past dat product waar mogelijk aan naar de vormen en productvereisten waar afnemers om vragen. Algemeen is het product ‘job’ op onze arbeidsmarkt te lang een standaardproduct gebleven. Voltijds, volgens een vaste en veeleisende functieomschrijving, op basis van een welbepaald diploma, met strak bepaalde werktijden,… De snel veranderende jobinhouden en de knellende verhouding tussen vraag en aanbod op onze arbeidsmarkt maken nu duidelijk dat we die standaard, veel vaker dan we gewoon zijn, zullen moeten verlaten. Om nog-niet-werkende mensen aan te kunnen trekken. Of om werkenden langer aan het werk te houden tot hun eigen tevredenheid en die van de onderneming. We zullen dus ‘arbeidsmarketing’ moeten toepassen en goed moeten nadenken over de invulmogelijkheden van het product ‘job’ waarmee we naar de arbeidsmarkt trekken.”

“Gelukkig wordt de switch van puur functiegebaseerd naar projectmatig en rolgedreven werken door steeds meer ondernemingen gemaakt. Dat vormt alvast een goede basis voor ‘arbeidsmarketing’ of een ‘job-to-be-done op maat’. De realiteit van veranderende technologieën en processen, nieuwe markten, innovatieve producten en diensten maar ook de evoluerende kijk op duurzaamheid en consumptie, brengen een veel grotere tijdelijkheid in onze bedrijfsactiviteiten dan een aantal decennia geleden. Een projectapproach speelt sowieso beter in op die tijdelijkheid door die voortdurende evoluties dan dat vaste structuren dat doen. Door mensen aan een – weliswaar beperkt – aantal verschillende projecten te laten werken, bouw je als onderneming al een minimaal vereist niveau van wendbaarheid in.”

Door mensen aan een – weliswaar beperkt – aantal verschillende projecten te laten werken, bouw je als onderneming al een minimaal vereist niveau van wendbaarheid in.

De kaart van ontwikkeling en complementariteit

“Ik begeleidde in het recente verleden een reeks bedrijven in de omschakeling naar rolgedreven werken. Rollen vertrekken veel minder van vooraf uitgetekende kaders waarbinnen een kandidaat of werknemer precies moet passen. Ze gaan meer uit van de authentieke eigenheid en inzetbaarheid van een (toekomstig) medewerker. Van haar of zijn sterktes, van ontwikkelpotentieel en van teamcomplementariteit om het ontbreken van bepaalde competenties te compenseren. In een schaarse arbeidsmarkt laten we best de strakke contouren van een vast functiekader vervagen en trekken we beter volop de kaart van ontwikkeling en complementariteit. Op die manier vergroot het contingent van kandidaten die in aanmerking komen om in diverse vormen bij te dragen aan bedrijfsdoelstellingen, danig.”

Franssen ziet in de praktijk dat rolgedreven werken naast een bredere instroom nog andere voordelen biedt. “Uiteraard mag je er ook in een project- en rolcontext nooit vanuit gaan dat een medewerker slechts aan een enkel project werkt. Het einde van dat project zal dan immers vaak ook het einde van een samenwerking betekenen. Daarom pleit ik voor een 70/20/10-principe waarbij rolwendbaarheid en toekomstgerichte ontwikkeling ingebakken zijn in het dagelijkse functioneren.”

“In dat concept werken medewerkers idealiter in drie verschillende rollen aan drie diverse projecten. Zowat 70% van de tijd besteedt de werkende aan zijn of haar kernproject. Dat is uiteraard de hoofdrol. Hier passen termen als focus, kerncompetentie en verantwoordelijkheid bij. Voor ongeveer 20% van de tijd, een bijrol met andere woorden, wordt de medewerker ingeschakeld in een ander project. Zij of hij neemt een faciliterende rol in. Hier is dus sprake van ondersteuning, niet van eindverantwoordelijkheid. Essentieel: het project is voldoende divers van het kernproject. We spreken bijvoorbeeld over de context van een ander product of dienst, een andere markt,… Zo blijft uiteindelijk nog zo’n 10% van de tijd over om je rol van de toekomst voor te bereiden. Om te experimenteren in lijn met de toekomststrategie van je onderneming. Om tijd te investeren in innovatie, om je duurzame plek voor te bereiden, om proactief mee te evolueren in de richting die je onderneming uit wil.”

De kunst om cesuren te managen

“Bedrijven die dit model in hun praktijk als inspiratie gebruiken, schuiven vaak dezelfde ambitie naar voor. Ze willen de toekomst van hun onderneming maximaal voorbereiden met de mensen die er vandaag al zijn. Een duurzame relatie met je medewerkers opbouwen, ongeacht de samenwerkingsvorm, is hun hoofdbekommernis. Retentie zo u wil. Het aan boord houden van medewerkers, ook al verandert hun situatie. In de professionele loopbaan van de meeste mensen, komen tussen de 5 en de 12 cesuren voor. Cesuren zijn momenten waarop je fysieke of mentale draagkracht betekenisvol wijzigt. Fases ook waarin je gezinssituatie of je financiële uitdagingen veranderen. Ook wijzigingen van je interessedomeinen, je ambitieniveau en van de impact die je wil maken, kunnen beschouwd worden als cesuren.”

Opdrachtgevers met te weinig aandacht voor de cesuren, verliezen bovengemiddeld hun waardevolle mensen. Omdat ze vertrekken of erger, omdat ze uitvallen.

“En die cesuren in de loopbanen van je mensen, kan je volgens mij veel wendbaarder opvangen door een model van roldiversiteit toe te passen en door op de momenten van de geschetste wijzigingen in alle transparantie job redesign toe te passen. Het zullen de ondernemingen zijn die het best omgaan met de cesuren van hun medewerkers, in de eigen onderneming of in een ecosysteem van ondernemingen, die de medewerkers het langst zinvol aan zich kunnen binden. Opdrachtgevers met te weinig aandacht voor de cesuren, verliezen bovengemiddeld hun waardevolle mensen. Omdat ze vertrekken of erger, omdat ze uitvallen. In de praktijk hinderen wettelijke kaders, opbouwende salarissen, verworven rechten en andere heilige huisjes een vlotte uitrol van job redesign helaas nog te vaak. En ons land wordt ook nog altijd getypeerd als verander-avers. Al durf ik in deze niet exact te zeggen wie daar nu het meest mee getypeerd wordt: werkgevers, de politiek, vakorganisaties of de bescheiden, hardwerkende Belg.”

Lees ook :

Geplaatst in Arbeidsmarkt & politiek | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor “We zullen ‘arbeidsmarketing’ moeten toepassen.” Arbeidsmarktexpert Jeroen Franssen over de nood aan een redesign van onze jobs

Verplichte loontransparantie op komst vanaf 2026: hoe bereidt u uw bedrijf goed voor?

Als ondernemer zal je geconfronteerd worden met bijkomende rapporterings- en administratieve verplichtingen. Daarom is het essentieel om het loonbeleid in jouw onderneming grondig te analyseren en bij te sturen.

Wat houdt de nieuwe regelgeving in?

Loontransparantie is geen nieuw concept. De wetgeving verplicht werkgevers al langer om mannen en vrouwen gelijk te belonen voor gelijkwaardig werk. Toch is er op dit vlak nog heel wat werk aan de winkel. De nieuwe richtlijn dwingt werkgevers om meer openheid te geven over hun loonbeleid, zowel naar sollicitanten als bestaande werknemers. Dit betekent dat bezoldiging niet alleen het basissalaris omvat, maar ook variabele vergoedingen en voordelen in natura.

De kern van de regelgeving draait om objectieve criteria voor beloningsverschillen, waaronder (1) vaardigheden, (2) inspanningen, (3) verantwoordelijkheid en (4) arbeidsomstandigheden. Als werkgever moet je loonverschillen binnen jouw organisatie kunnen rechtvaardigen aan de hand van genderneutrale en niet-discriminerende criteria. Werknemers met gelijkwaardige functies moet je op een transparante manier groeperen.

Recent onderzoek (april 2024) van hr-dienstverlener Securex toont aan dat deze openheid ook bepaalde risico’s inhoudt. Zo blijkt dat loontransparantie, indien onvoldoende begeleid, kan leiden tot meer frustratie, jaloezie of zelfs jobmobiliteit. Bijna 1 op 5 werknemers die ontdekken dat een nieuwe collega in dezelfde functie meer verdient, overweegt op korte termijn een andere baan. Op lange termijn loopt dit zelfs op tot bijna 1 op 3. Dit duidt op het belang van goede communicatie, naast de structurele aanpassing van het loonbeleid.

Wat verandert er concreet vanaf 2026?

De nieuwe regelgeving legt extra verplichtingen op in drie fases: tijdens sollicitatieprocedures, tijdens de tewerkstelling en in het kader van rapportage over de loonkloof.

Transparantie bij sollicitaties

Werkgevers mogen sollicitanten niet langer vragen naar hun vorige loon. Daartegenover staat dat je als werkgever wél verplicht zal worden om informatie te geven over het startsalaris of de salarisschaal voor de betreffende functie. Dit moet gebaseerd zijn op objectieve en genderneutrale criteria, waarbij sollicitanten beter geïnformeerd aan de onderhandelingstafel zullen kunnen plaatsnemen.

Deze verplichting is van toepassing op alle werkgevers, ongeacht hun bedrijfsgrootte.

Transparantie tijdens de tewerkstelling

Werknemers krijgen recht op duidelijke en toegankelijke informatie over:

  • de gehanteerde criteria voor loonbepaling
  • beloningsniveaus en groeitrajecten
  • schriftelijke informatie over hun eigen loon en de gemiddelde verloning per geslacht binnen gelijkwaardige functies (op aanvraag, binnen 2 maanden te verstrekken)

Daarnaast moet je als werkgever jouw personeel jaarlijks over dit recht informeren. Deze verplichting is van toepassing op alle werkgevers.

Securex wijst er in dat verband op dat vandaag al 1 op 4 werknemers spontaan hun loon vergelijkt met dat van collega’s in een gelijkaardige functie. Toch zegt ook bijna de helft van de werknemers géén behoefte te hebben aan vergelijking, omdat ze tevreden zijn of het als privé beschouwen. Transparantie kan dus zowel helderheid als spanningen brengen, afhankelijk van hoe ze wordt ingevoerd en gecommuniceerd.

Rapportering over de loonkloof 

Werkgevers moeten de genderloonkloof in hun bedrijf in kaart brengen en hierover rapporteren. De frequentie van deze rapportage hangt af van de bedrijfsgrootte:

  • Minder dan 100 werknemers: vrijwillige rapportering (afhankelijk van nationale wetgeving)
  • 100 – 149 werknemers: rapportering om de drie jaar vanaf 2031
  • 150 – 249 werknemers: rapportering om de drie jaar vanaf 2027
  • 250+ werknemers: jaarlijkse rapportering vanaf 2027

Toont de rapportering aan dat er een loonkloof van minstens 5 procent bestaat binnen een bepaalde functiegroep, en kan deze kloof niet objectief verklaard worden? Dan moet je als werkgever binnen zes maanden corrigerende maatregelen nemen. Lukt dat niet, dan is een gezamenlijke beloningsevaluatie verplicht.

Mogelijke risico’s

De richtlijn voorziet strenge beschermingsmaatregelen voor werknemers, waaronder:

  • vakbonden moeten betrokken worden bij het proces
  • werknemers kunnen hun rechten afdwingen via de rechtbank
  • werknemers kunnen volledige schadevergoeding eisen bij een vastgestelde loonkloof
  • de bewijslast wordt omgekeerd: als een werknemer kan aantonen dat er een verschil is, moet de werkgever bewijzen dat er geen discriminatie is

Bovendien wordt verwacht dat inbreuken op deze regelgeving in het Belgische Sociaal Strafwetboek zullen worden opgenomen, wat mogelijk leidt tot sancties bij niet-naleving.

Volgens Securex zullen veel werkgevers ook geconfronteerd worden met spanningen rond beloningsverschillen tussen nieuwe en bestaande medewerkers. Vooral in een krappe arbeidsmarkt is het verleidelijk om nieuw talent aan te trekken met een hoger loon. Maar dit kan intern tot wrevel leiden, zeker als die verschillen niet geobjectiveerd of uitgelegd worden. Voor bedrijven met veel jonge of veel medewerkers in vergelijkbare functies – typisch bij grotere bedrijven – is de kans op loonvergelijking en dus mogelijke onrust groter.

Hoe bereid je je goed voor? 

2026 lijkt nog veraf, maar dat is het niet. Daarom is een proactieve aanpak wenselijk, omdat je hierdoor mogelijke boetes en reputatieschade vermijdt. Enkele tips:

  • Analyseer jouw huidig loonbeleid: verzamel data over salarissen en vergoedingen
  • Stel objectieve, genderneutrale criteria vast voor beloning op basis van vaardigheden, inspanning, verantwoordelijkheid en arbeidsomstandigheden
  • Maak functiecategorieën aan op basis van een transparante en objectieve matrix
  • Raadpleeg – indien van toepassing in jouw onderneming – vakbonden en ondernemingsraden vroegtijdig om hun betrokkenheid te verzekeren
  • Corrigeer loonverschillen nu al om boetes of verplichte beloningsevaluaties te vermijden
  • Communiceer proactief over het interne loonbeleid en maak transparantie een kernwaarde in jouw organisatie
  • Opleiding voor hr en management: zorg ervoor dat leidinggevenden goed geïnformeerd zijn over de nieuwe verplichtingen en hoe ze vragen van werknemers kunnen beantwoorden.
  • Gebruik digitale tools om loongegevens beter te beheren en analyseren.

Securex benadrukt dat vooral communicatie en coaching cruciaal worden: 6 op de 10 werknemers geeft aan geen of onduidelijke informatie te ontvangen over hoe hun loon bepaald wordt. Leidinggevenden moeten dus voldoende getraind worden om hierover in gesprek te gaan met medewerkers, zodat loontransparantie niet tot afstand, maar net tot meer vertrouwen en retentie leidt.

Lees ook

Geplaatst in Ondernemen & freelancen | Tags , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Verplichte loontransparantie op komst vanaf 2026: hoe bereidt u uw bedrijf goed voor?

E-invoicing wordt verplicht vanaf 2026: wat betekent dat voor jou als freelancer?

E-invoicing: what’s in a name?

“E-invoicing is meer dan alleen een digitale factuur opsturen via e-mail”, bevestigde Frank Vermeiren. “Het gaat om gestructureerde elektronische documenten, in een vast formaat, die rechtstreeks van jouw facturatiesoftware naar die van je klant worden gestuurd via een beveiligd netwerk. En vanaf 1 januari 2026 is dat in België niet langer optioneel in een B2B-omgeving.”

De verplichte overstap naar e-invoicing vloeit voort uit een Europese richtlijn uit 2014, die in België werd omgezet in nationale wetgeving op 6 februari 2024. De doelstelling is duidelijk: meer transparantie, minder fouten en een efficiëntere uitwisseling van factuurgegevens tussen bedrijven.

Ook voor kleine ondernemingen en btw-vrijgestelden

“Ook als je een kleine onderneming bent of vrijgesteld bent van btw, moet je meedoen”, aldus Vermeiren. “Een freelancer die bijvoorbeeld onder de vrijstellingsregeling valt en jaarlijks minder dan 25.000 euro omzet draait, is vanaf 2026 toch verplicht om e-facturen op te stellen wanneer hij of zij factureert aan een andere onderneming.”

Gestructureerde elektronische factuur

Het kernbegrip in dit verhaal is de ‘gestructureerde elektronische factuur’. Frank Vermeiren: “Waar we vandaag nog vaak werken met pdf-bestanden, Word-documenten of zelfs gescande facturen, zijn dat in feite niet meer dan digitale afbeeldingen. Een echte e-factuur bevat data die machines kunnen lezen: klantgegevens, bedragen, btw-percentages, factuurnummers: alles zit in vaste velden. Zo kan een boekhoudprogramma die informatie foutloos verwerken.”

Herbekijk hier de opname van het webinar met SBB Accountants & Fiscalisten

Peppol-netwerk

Die e-facturen worden uitgewisseld via Peppol, een pan-Europees netwerk dat speciaal werd ontworpen voor veilige en betrouwbare communicatie tussen ondernemingen. “Je kan Peppol vergelijken met een digitale snelweg waarlangs je facturen verzendt en ontvangt”, legde Vermeiren uit. “Je hebt er een toegangspunt voor nodig – een soort tolpoort – die meestal geïntegreerd zit in je boekhoud- of facturatiesoftware.”

Freelancers moeten zich dus niet alleen voorbereiden op een nieuw type factuur, maar ook nagaan of hun huidige software geschikt is voor Peppol. “Ga zeker na of je software compatibel is en overleg met je boekhouder. Veel pakketten zijn dat intussen wel, maar het is belangrijk dat je tijdig klaar bent. Je kan er trouwens ook je aankoopfacturen mee binnenhalen. Zo zit alles meteen in je digitale archief.”

Een e-factuur bevat data die machines kunnen lezen: klantgegevens, bedragen, btw-percentages, factuurnummers: alles zit in vaste velden.

Voordelen voor freelancers

Volgens Vermeiren biedt e-invoicing niet alleen verplichtingen, maar ook kansen. “De verwerking van facturen verloopt sneller en efficiënter. Minder fouten, minder manueel werk. En je facturen worden ook sneller betaald, omdat ze meteen correct bij je klant toekomen. Bovendien kunnen boekhouders en accountants veel beter advies geven als ze toegang hebben tot volledige en betrouwbare data.”

Aandachtspunten

Toch zijn er ook aandachtspunten. “Niet alle transacties kunnen via Peppol verlopen. Een restaurantbonnetje of een ticketje van een vrijwilliger? Die scan je nog steeds in, zoals vandaag. En buitenlandse leveranciers? Daar zal het nog even duren voor e-invoicing overal verplicht en gestandaardiseerd is – de Europese harmonisatie is voorzien tegen 2035.”

Een belangrijke geruststelling: facturatie aan particulieren blijft buiten deze verplichting vallen. “Particulieren kunnen geen e-facturen ontvangen via Peppol, omdat ze geen ondernemingsnummer hebben. Het gaat echt enkel over B2B-facturen. Maar let op: je moet wel e-factureren naar een onderneming, zelfs als die zelf onder de vrijstellingsregeling valt.”

Wat brengt de toekomst?

Tot slot van het webinar blikte Frank Vermeiren vooruit op de verdere plannen van de overheid. “Vanaf 2028 gaat de Belgische Btw-administratie een deel van de aangifte overnemen. De gegevens die via e-invoicing binnenkomen, worden automatisch verwerkt. Denk aan het wegvallen van periodieke btw-aangiftes of intracommunautaire listings. En ook de overheid zelf zal gestructureerde e-facturen uitsturen, bijvoorbeeld voor verkeersbelasting of onroerende voorheffing.”

De boodschap van de SBB-expert is duidelijk: “E-invoicing komt er razendsnel aan, en wie zich goed voorbereidt, wint er als freelancer op lange termijn bij. Stel jouw voorbereiding niet langer uit, maar begin er vandaag aan. Zorg dat je software klaar is, stem af met je boekhouder en digitaliseer waar het kan. Het maakt je onderneming futureproof én efficiënter.”

B2B e-invoicing in België komt er razendsnel aan. Zorg er dus voor dat je software klaar is, stem af met je boekhouder en digitaliseer waar het kan.

Lees ook

Geplaatst in Ondernemen & freelancen | Tags , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor E-invoicing wordt verplicht vanaf 2026: wat betekent dat voor jou als freelancer?

Toekomstdenken als hefboom voor strategie, beleid en overleg

Stijn Gryp

SERV-voorzitter Stijn Gryp verwelkomde de aanwezige deelnemers en benadrukte het belang en de kracht van toekomstdenken. Hij stelde dat deze aanpak organisaties en beleidsmakers helpt om bewuster om te gaan met veranderingen, onzekerheden en trends. In plaats van passief te reageren, biedt het een kader om actief richting te geven aan de toekomst. Aan de hand van methodieken zoals trendwatching, scenarioplanning, backcasting en design thinking stimuleert deze aanpak niet alleen langetermijndenken, maar daagt het ook bestaande vanzelfsprekendheden uit en opent het nieuwe perspectieven.

Van visie naar actie: strategisch scenariodenken

Marijke Verhavert

Marijke Verhavert, directeur bij innovatiebureau TomorrowLab, lichtte toe hoe organisaties strategische veerkracht kunnen opbouwen via scenariodenken. In een wereld waarin disruptie eerder regel dan uitzondering is, biedt haar methodiek helderheid en richting. Ze zet in op vier pijlers: bouwen aan toekomstbeelden, strategische opties ontwikkelen, robuustheid testen en innoveren op basis van nieuwe inzichten.

Via een outside-in benadering worden trends en onzekerheden in kaart gebracht. Vervolgens worden vier scenario’s uitgewerkt – zoals “Sustainable Slowdown” of “Life as a Service” – die als denkkaders dienen. In elk scenario wordt onderzocht of de huidige strategie nog houdbaar is, of dat er nood is aan bijsturing, innovatie of zelfs fundamentele koerswijziging. Deze techniek legt blinde vlekken en kansen bloot.

Verhavert hamert op de noodzaak van een flexibele mindset. De toekomst voorspellen is onmogelijk, maar scenario’s helpen wel om voorbereid te zijn. Organisaties met een hoge ‘foresight maturity’ blijken tot een derde winstgevender en groeien tweemaal sneller in marktwaarde. Haar advies: besteed met je hele team minstens tien procent van je tijd aan toekomstgericht denken.

De toekomst voorspellen is onmogelijk, maar scenario’s helpen wel om voorbereid te zijn.

Toekomstdenken: hefboom voor sociaal overleg

Rafael Peels

Als tweede spreker belichtte Rafael Peels, senior specialist bij de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO), hoe strategisch toekomstdenken ook relevant is voor het sociaal overleg. Binnen de ILO en haar netwerk van vakorganisaties wereldwijd, worden tools zoals horizon scanning, scenario-ontwikkeling en participatieve workshops ingezet om sociale partners toe te rusten voor de arbeidsmarkt van morgen. Uit oefeningen wereldwijd kunnen onder andere de volgende lessen worden getrokken:

  • houd qua methode en thema’s rekening met de lokale context
  • zorg dat leidinggevenden mee zijn in het verhaal
  • werk toe naar een creatieve mindset
  • investeer voldoende tijd en ruimte om met toekomstverkenningen aan de slag te gaan

Peels beschouwt toekomstdenken als intrinsiek democratisch en versterkend. Het stelt sociale actoren in staat om proactief in te spelen op trends zoals automatisering, klimaatverandering en de impact van AI. Het proces creëert bewustzijn, stimuleert langetermijndenken en bevordert samenwerking.

Organisaties met een hoge ‘foresight maturity’ blijken tot een derde winstgevender en groeien tweemaal sneller in marktwaarde.

Zijn boodschap is duidelijk: investeer in tijd, ruimte en leiderschap. Toekomstverkenningen zijn geen tijdverlies, maar strategische investeringen. “Wie vandaag tijd maakt voor toekomstdenken, bouwt een sterker sociaal overleg voor morgen”, aldus Peels.

De haven als toekomstlaboratorium

Eva Burm

Als afsluitende spreker gaf Eva Burm van Port of Antwerp-Bruges een inkijk in hoe toekomstdenken structureel wordt ingebed in de werking van de haven. Als lid van het innovatieteam richt zij zich op het aspect ‘mens en cultuur’. Haar boodschap: toekomstdenken is geen geïsoleerd project, maar een voortdurende cultuurverandering. Dit proces krijgt vorm via initiatieven zoals het APICA digital twin-project, het Trendrapport Future of Work, een strategy Stress Test en risicoanalyses.

Onder de vlag van het Europese PIONEERS-project werkt de haven actief aan vier scenario’s om tegen 2050 klimaatneutraal te opereren. Elk scenario beschrijft een ander pad – van markgedreven evolutie tot overheidsgeleide revolutie. Via backcasting worden concrete, hedendaagse acties bepaald die ongeacht het scenario waardevol zijn – de zogenaamde “no regret moves”.

Burm benadrukt dat betrokkenheid van medewerkers essentieel is. De toekomst bouw je niet alleen met tools, maar ook met gedeeld eigenaarschap, creatief denken en durf. Het traject is belangrijker dan de eindbestemming: toekomstdenken als leerproces.

Toekomstdenken: een proces, geen project

Wat de drie sprekers delen, is het inzicht dat toekomstdenken geen lineair project is, maar een voortdurend leerproces. Het vereist een cultuur waarin verkennen, experimenteren en leren centraal staan. Door bewust te oefenen in omgaan met onzekerheid, bouw je als organisatie aan veerkracht en innovatievermogen.

Toekomstdenken is tegelijk analytisch en creatief, rationeel en visionair. Het biedt organisaties en beleidsmakers de ruimte om keuzes bewust te maken, voorbij de waan van de dag.

Het SERV-seminarie gaf een duidelijk signaal: wie de toekomst wil vormgeven, moet er vandaag al mee aan de slag. Met de inzichten van de drie experten werd duidelijk dat toekomstdenken niet alleen zinvol is, maar ook haalbaar mits inzet, oefening en samenwerking.

Toekomstdenken is geen lineair project, maar een voortdurend leerproces. Het vereist een cultuur waarin verkennen, experimenteren en leren centraal staan.

Lees ook :

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Toekomstdenken als hefboom voor strategie, beleid en overleg

Drie bedenkingen bij de strengere regels voor inhuren consultants in Vlaanderen

What’s in a name?

In de ‘Juridische Gids voor Opdrachtgevers van ingehuurd talent’ schreven we het al: (overheids-) organisaties zijn niet langer een groot, stabiel geheel met vaste werkrelaties en een beperkt inhuurgebeuren om piek-dal-momenten op te vangen. Neen, organisaties zijn in realiteit voortdurend in beweging om snel en efficiënt in te spelen op kansen. De traditionele werkgever-werknemer-relatie is steeds meer vervangen door heel gevarieerde opdrachtgever-opdrachtnemers-relaties.

Zelfstandige talenten, intermediaire leveranciers van flexibel talent, netwerken met talenten én aannemers van werk bieden organisaties de broodnodige flexibiliteit en competenties om succesvol te zijn op een ‘agile’ manier. Elke organisatie is hierdoor een ‘ecosysteem’ met talenten in allerlei contractvormen geworden.

In deze nieuwe realiteit van werk onderscheiden we de diverse juridische contractvormen waarmee talent voor je kan werken: werknemer (in loondienst), uitzendkracht (via een erkend uitzendkantoor), project sourcing (beschikbaar via een intermediaire partij), freelancer (zelfstandige), aanneming van werk (resultaatsverbintenis).

Helaas gebruiken organisaties, en ook de Vlaamse Overheid, verwarrende, nietszeggende terminologie. Het begrip ‘consultant’ heeft voor u en voor mij waarschijnlijk een andere betekenis en is juridisch nietsbetekenend. Vraag is dus of de Vlaamse Overheid het inderdaad enkel over ‘consultants’ van de Big Four heeft, of dat ze bijvoorbeeld ook zelfstandige adviseurs, de freelancers die ook advies (consultancy) verlenen mee bij dit beleid betrekt.

Andere voorbeelden van terminologie, die in de praktijk voorkomt en soms tot verwarring en, erger, tot foute interpretaties leidt:

  • Freelancer, contractor, zzp-‘er (vooral in Nederland), zelfstandige professional (zp), gigworker, …
  • Aanneming van werk, SoW (Statement of Work), contractor, uitbesteed werk, …
  • Uitzendkracht, interimmer, interimkracht, interimaris, ingehuurde, …
  • Projectsourcing, ook wel aangeduid als aanneming, onderaanneming, consulting, contracting, detachering, outsourcing, payrolling, freelancer, bodyshopper, interim management, ……

Voor alle duidelijkheid: termen als uitzendkracht, zelfstandige (freelancer), project sourcing en aanneming van werk staan voor juridisch totaal verschillende wet- en regelgevingen en zijn zeker geen synoniemen van elkaar. Net daarom is het gebruik van correcte terminologie zo belangrijk.

Onze tip aan de Vlaamse Overheid: start met het inventariseren van de bestaande inhuur en pas meteen ook de correcte terminologie toe. Enkel zo maak je het opzetten en implementeren van een visie en een duurzaam, toekomstgericht inhuurbeleid mogelijk.

VMS tooling maakt inhuur transparant

In het bericht op VRT en andere media wordt ook verwezen naar de verwarring die bestaat over het bedrag dat de Vlaamse Overheid uitgeeft aan inhuur van externen. Die verwarring ontstaat niet alleen doordat men verkeerde terminologie gebruikt, maar ook omdat het inhuurproces niet onderbouwd wordt door VMS technologie. VMS staat voor Vendor Management System, tooling die speciaal werd ontwikkeld voor het beheer van leveranciers van externe talenten. Ideaal is wanneer het volledige inhuurproces, vanaf de aanvraag door de inhurende manager tot de betaling van de factuur van de leverende intermediaire partij, voor elke stap in dit proces ondersteund  wordt door deze VMS tooling. In het vakjargon spreekt men van End-to-End, E2E, ondersteuning. Hierdoor kan elke stap worden gerapporteerd en dus gemonitord, waardoor niet alleen alles transparant wordt, maar het proces ook continu kan worden verbeterd.

De Vlaamse Overheid maakt voor (enkele) instanties of profielen al jaren gebruik van VMS tooling. Vraag is waarom de ‘consultants’ daar dan niet in worden beheerd.

Meer lezen over VMS systemen? Download het gratis onderzoeksrapport naar VMS aanbieders.

Wanneer mogen consultants nog?

De regering besliste op 5 juli op de ministerraad dat de regels rond consultancy worden aangescherpt.

Er komt in de eerste plaats een zogenoemde opportuniteitstoets. Alleen als duidelijk aangetoond kan worden dat het aangewezen of efficiënter is, mag er nog beroep gedaan worden op consultants.

De administratie moet altijd eerst nagaan of de overheid de kennis en kunde zelf in huis heeft. Bovendien moet er aan 3 voorwaarden voldaan zijn voor consultants in aanmerking komen: het moet hoofdzakelijk gaan om adviesverlening, de opdracht moet uitgevoerd worden door onafhankelijke experts en de opdracht moet beperkt zijn in de tijd.

Voor alle duidelijkheid: wij zijn het helemaal eens dat er een dergelijk beleid komt. Eindelijk! Inhuur van externen moet in alle organisaties altijd worden voorafgegaan door een interne check of de nodige expertise al niet intern aanwezig is en kan worden ingezet. Onze bedenking is wel dat dit in de praktijk ook een visie en een beleid vereist. Interne mobiliteit doe je niet zomaar en moet in alle transparantie worden opgezet.

Hopelijk is in de praktijk voor inhurende Vlaamse Overheidsbedrijven en andere betrokken partijen duidelijk waar ‘onafhankelijke experts’ op slaat. Voor ons is dit alleszins niet duidelijk. Maar dat punt hebben we hopelijk hierboven  al gemaakt…

Voor alle duidelijkheid: wij zijn het helemaal eens dat er een dergelijk beleid komt. Eindelijk!

Lees ook :

Geplaatst in Arbeidsmarkt & politiek | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Drie bedenkingen bij de strengere regels voor inhuren consultants in Vlaanderen

Ontmoet je nieuwe freelancers: AI-agents klaar om aan de slag te gaan

De opkomst van AI-agents als digitale freelancers

De traditionele arbeidsmarkt evolueert van vaste banen naar flexibele freelance netwerken en nu naar een hybride samenwerking tussen mensen en AI-agents. Deze AI-agents zijn geen gewone tools meer, maar vormen een nieuwe categorie digitale talenten die zelfstandig taken kunnen uitvoeren. Ze zijn snel, betrouwbaar en altijd beschikbaar, en kunnen dankzij training steeds beter samenwerken met mensen.

Volgens onderzoek van het Harvard Digital Data Design Institute functioneren deze AI-agents niet alleen als assistenten, maar ook als volwaardige teamleden. Hoewel ze aanvankelijk onze taal en cultuur niet volledig begrijpen, kunnen ze dankzij gerichte begeleiding taken uitvoeren zoals elke freelancer dat zou doen, maar dan efficiënter en goedkoper.

AI-agents functioneren niet alleen als assistenten, maar ook als volwaardige teamleden.

Van schaarste naar overvloed aan talent

Vroeger was talent schaars en moeilijk te vinden, wat leidde tot hiërarchische organisatiestructuren met vaste rollen. De internetrevolutie maakte remote werken en crowdsourcing mogelijk, waardoor toegang tot talent wereldwijd eenvoudiger werd. Nu breken AI-agents nog meer barrières af: digitale en menselijke arbeid zijn steeds meer on-demand beschikbaar.

Dit betekent dat bedrijven niet langer kunnen vasthouden aan oude modellen van werkorganisatie. In plaats van mensen in vaste functies te plaatsen, moeten taken modulair en resultaatgericht worden ingericht, zodat ze flexibel kunnen worden toegewezen aan het meest geschikte talent, menselijk of digitaal.

Taken moeten worden toegewezen aan het meest geschikte talent, menselijk of digitaal.

Nieuwe werkmodellen voor een hybride workforce

De samenwerking met freelancers is een goed voorbeeld voor het omgaan met AI-agents. Freelancers krijgen geen uitgebreide onboarding, maar duidelijke opdrachten met concrete doelen en context. Op dezelfde manier moeten organisaties AI-agents inzetten: taken opsplitsen in “atomair werk” dat makkelijk overdraagbaar is.

Bedrijven moeten workflows ontwikkelen waarin mensen en AI naadloos samenwerken, ondersteund door interfaces die AI helpen de context te begrijpen. Dit vraagt om een fundamentele herziening van hoe werk wordt georganiseerd, waarbij het draait om het managen van resultaten in plaats van uren of functietitels.

Bedrijven moeten workflows ontwikkelen waarin mensen en AI naadloos samenwerken.

Interne talentmarktplaatsen en ethiek 

Om optimaal te profiteren van de combinatie van menselijk en digitaal talent, kunnen organisaties interne marktplaatsen opzetten. Hier kunnen medewerkers en AI-agents flexibel worden ingezet op basis van de benodigde capaciteit en vaardigheden.

Daarnaast is het cruciaal om ethische richtlijnen te ontwikkelen die zorgen voor transparantie, eerlijkheid en verantwoordelijkheid bij het toewijzen en beoordelen van werk. Dit voorkomt misbruik en waarborgt een gezonde samenwerking tussen mens en machine.

De toekomst van werk: dynamisch en hybride

De echte kracht van AI-agents ligt niet alleen in kostenbesparing of snelheid, maar in de verhoogde wendbaarheid van organisaties. Door op elk moment de juiste talenten in te zetten, kunnen bedrijven sneller reageren op veranderingen en nieuwe kansen grijpen.

De echte kracht van AI-agents ligt niet alleen in kostenbesparing of snelheid, maar in de verhoogde wendbaarheid van organisaties.

Arbeid is niet langer een beperkende factor. Dit vraagt om het loslaten van traditionele structuren en het omarmen van een dynamische, gedistribueerde manier van werken waarin mensen en AI harmonieus samenwerken.

Over de auteur

John Winsor

John Winsor is een expert in digitale transformatie en arbeidsmarktinnovatie. Hij werkt als onderzoeker aan het Harvard Digital Data Design Institute en publiceert regelmatig over de impact van technologie op werk en organisaties. Zijn inzichten helpen bedrijven wereldwijd om zich aan te passen aan de toekomst van werk.

Dit artikel is een bewerking en vertaling van “Meet Your New Freelancers: AI Agents Ready To Work” door John Winsor, Forbes, 25 juni 2025.

Lees ook :

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Ontmoet je nieuwe freelancers: AI-agents klaar om aan de slag te gaan

“Als freelancer voel ik me vrijer dan ooit. Dat past perfect bij mijn generatie.” Eventmanager Marlies Goderis over de voordelen en uitdagingen van flexibel werken

Van laboratorium naar eventbureau

Met een diploma biomedische wetenschappen op zak en een eerste job als productontwikkelaar in de sector van voedingssupplementen, leek de loopbaan van Marlies aanvankelijk een klassiek parcours te volgen. “Toch miste ik vrijheid en creativiteit,” vertelt ze. “De 9-to-5-structuur werkte verstikkend. Ik wou zelf kunnen beslissen wanneer en hoe ik werkte.”

De omslag kwam er na de organisatie van haar eigen huwelijksfeest. “Die ervaring heeft me wakker geschud: dit is wat ik écht wil doen. Mijn organisatorisch talent inzetten om unieke momenten te creëren.” Marlies schoolde zich om via Syntra en startte in oktober 2024 haar eenmanszaak als eventmanager: Marvelies Events.

Vrijheid en kwetsbaarheid 

De beslissing om als freelancer te starten voelde natuurlijk aan, maar ging niet zonder twijfels. “Ik had geen ervaring in de eventsector. Dat was spannend. Maar net daardoor vonden eventbureaus me interessant – ik was nog ‘kneedbaar’ en open-minded.” Dat laatste is een typische Gen Z-eigenschap: leergierig, flexibel en altijd op zoek naar nieuwe impulsen.

Toch ervaart Marlies ook de keerzijde. “Het is niet evident om aan opdrachten te geraken. Ik zoek actief via LinkedIn en stuur cold mails naar prospects, maar ik bots op het gigantisch aanbod in de freelancemarkt. Het is moeilijk om me te onderscheiden.” Haar oplossing? Zich meer richten op niches waarin ze haar wetenschappelijke achtergrond kan gebruiken, zoals medische events of farmaceutische congressen.

Werken op eigen ritme

“Wat ik het meeste waardeer aan freelancen, is de vrijheid om mijn werk in te delen zoals ik dat wil,” zegt Marlies. Die flexibiliteit past perfect bij de Gen Z-mentaliteit, die autonomie en een goede werk-privébalans belangrijker vindt dan status of een vast loon.

“Ik werk ook nog deeltijds in een winkel. Mijn freelanceprojecten zijn vaak gespreid in de tijd, zoals trouwfeesten, babyborrels of bedrijfsevents. Daardoor werk ik niet elke dag aan elk project, en kan ik rustmomenten inbouwen. Mijn job voelt niet als werk – het is mijn passie.”

Toch benadrukt ze het belang van bewust ontspannen: “Ik werk in het weekend als het moet, maar zorg ervoor dat er geen constante druk is. Financieel is dat nu haalbaar, omdat er geen grote verplichtingen zijn.”

Gen Z’ers willen best knokken, maar niet binnen het rigide keurslijf van vroeger. We zoeken zingeving, vrijheid en afwisseling. En daar hoort ook discipline bij.

Tips voor starters: omring je goed 

De opstart als freelancer bracht ook praktische uitdagingen met zich mee. “Ik heb me aangesloten bij een sociaal secretariaat om me te laten adviseren over juridische en fiscale aspecten. En mijn boekhouding doe ik zelf via een startersvriendelijk softwareplatform. Dat werkt prima.”

Aan andere starters geeft Marlies graag een duidelijke tip mee: “Let op met schijnbaar officiële brieven en betaalverzoeken voor databanken of lidmaatschappen. Veel daarvan zijn commercieel. En zorg dat je je eigen facturen en voorwaarden duidelijk formuleert.”

Ook een stevig netwerk van inspirerende contacten vindt ze belangrijk: “Omring je met mensen die je vertrouwt en die kennis hebben van marketing, financieel beheer of vennootschapsrecht. Als jonge starter ben je soms naïef. Een klankbord helpt enorm.”

Gen Z: ambitieus, maar op eigen voorwaarden

Wat maakt Marlies’ generatie uniek? “We zijn opgegroeid met eindeloze mogelijkheden. Daardoor voelen we keuzestress, en ook een soort schuldgevoel als we niets doen met ons diploma. Maar ik heb geleerd dat je best gewoon je eigen pad volgt, ook al wijkt dat af van de verwachtingen.”

Ook op het vlak van communicatie en zichtbaarheid maakt ze bewuste keuzes. “We zijn digital natives. Maar ik geloof niet in de socialemediacultuur waarin alles perfect lijkt. Ik heb zelfs twee jaar lang sociale media van mijn smartphone verwijderd. Voor mijn business kies ik liever voor mond-tot-mondreclame en persoonlijke contacten. Dat voelt natuurlijker.”

Tot slot wil ze één hardnekkig vooroordeel over haar generatie doorprikken: “Dat we niet bereid zouden zijn om hard te werken. Dat klopt niet. We willen best knokken, maar niet binnen het rigide keurslijf van vroeger. We zoeken zingeving, vrijheid en afwisseling. En daar hoort ook discipline bij.”

Gepassioneerde professional

Marlies is het levende bewijs dat Gen Z niet bang is om het roer zelf in handen te nemen. Haar verhaal toont hoe flexibel werken kansen biedt, maar ook kwetsbaarheden blootlegt. Toch blijft ze vastberaden: “Ik geloof in de kracht van freelancen. Het is niet altijd de makkelijkste weg, maar wel een weg waarin ik me volop kan uitleven.”

Lees ook

Geplaatst in Ondernemen & freelancen | Tags , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor “Als freelancer voel ik me vrijer dan ooit. Dat past perfect bij mijn generatie.” Eventmanager Marlies Goderis over de voordelen en uitdagingen van flexibel werken