Maandelijkse archieven: oktober 2020

De Franse investeerder neemt minderheidsbelang in HeadFirst

HeadFirst Group heeft een initiële investering van 75 miljoen euro opgehaald bij Kartesia, een onafhankelijk en privaat investeringsfonds uit Frankrijk. De HeadFirst Group in een van oorsprong Nederlands bedrijf en is sinds enkele jaren ook in België actief op het gebied van het professioneel organiseren van externe inhuur. Via HeadFirst werken dagelijks meer dan 10.000 consultants bij ruim 350 klanten in Europa, waarmee ze een jaaromzet realiseren van meer dan 1 miljard euro.

Kartesia richt zich op mid-market bedrijven uit een breed scala aan sectoren die een grote groei doormaken. Het fonds beheert meer dan 2,5 miljard euro aan vermogen en heeft onder meer een belang in de Belgische bedrijven Desmet Ballestra en SPI. De Franse investeerder krijgt een minderheidsbelang in HeadFirst.

CEO Han Kolff van HeadFirst licht toe: “De ondersteuning van een sterke financiële partner als Kartesia helpt om onze groeistrategie te versnellen, zowel in Nederland als de rest van Europa. De focus ligt hierbij op het bestendigen en uitbreiden van de rol van HeadFirst als full service HR-dienstverlener, waarbij we innoveren met slimme online oplossingen en met rijke data waarde toevoegen aan onze klanten.”

De flexmarkt is in ontwikkeling en vooral het segment van intermediairs en managed service providers, waarin HeadFirst groot is, groeit hard. De organisatie is actief in Nederland, België, Luxemburg, Scandinavië, Polen en Zwitserland en ziet mogelijkheden om ook opdrachtgevers in andere Europese landen daaraan toe te voegen. Met Kartesia zegt HeadFirst een partner gevonden te hebben die goed bij het bedrijf en haar ondernemende cultuur past. Jean Diercxsens, directeur van Kartesia, voegt hieraan toe: “HeadFirst is een van de toonaangevende spelers in de markt van HR-dienstverleners in de Benelux en biedt innovatieve oplossingen met toegevoegde waarde voor zijn grote netwerk van opdrachtgevers, leveranciers en zelfstandig professionals. De groep heeft een bewezen track record van zowel organische groei als groei door overnames en wint marktaandeel door middel van technologisch geavanceerde diensten in een concurrerende omgeving. We kijken uit naar een nauwe samenwerking met het team om het potentieel van het bedrijf in heel Europa te blijven benutten.”

Geplaatst in Inhuurvolwassenheid, Opdrachtgever | Tags | Reacties uitgeschakeld voor De Franse investeerder neemt minderheidsbelang in HeadFirst

Nieuwe gunstregel voor kmo’s: grote ondernemingen moeten facturen binnen de 60 dagen betalen

Veel bedrijven maken gebruik van algemene voorwaarden om hun contractuele relaties vorm te geven. Die voorwaarden worden eenzijdig opgesteld door één van de partijen. Vooral betalingsvoorwaarden zijn erg in trek. Die bepalen bijvoorbeeld de termijn waarbinnen een factuur betaald moet worden.

Wettelijke betalingstermijn vs. contractsvrijheid

Is er niets bepaald in de factuurvoorwaarden, dan bedraagt de wettelijke betalingstermijn tussen ondernemingen 30 dagen. In de praktijk dwingen grote bedrijven (lees: multinationals) vaak langere termijnen af, van 100 dagen of meer. Jij die koste wat het kost het contract wil binnenhalen, aanvaardt de voorwaarden soms blindelings. Gevolg: je wacht vaak maandenlang op je geld, terwijl de vaste kosten gewoon doorlopen. Kmo’s trokken daarom aan de alarmbel.

Betalingstermijn wordt beperkt tot 60 dagen

Een nieuwe gunstmaatregel voor kmo’s beperkt de contractvrijheid voor overeenkomsten tussen kmo’s en grote bedrijven. Moet die laatste aan een kmo betalen, dan bedraagt de overeengekomen betalingstermijn nu maximaal 60 dagen.  Indien de overeenkomst voorziet dat de betalingstermijn pas ingaat na een aanvaarding of een controle van de conformiteit van de goederen of diensten, dan mag deze procedure niet meer dan 30 kalenderdagen bedragen als de schuldeiser een kmo is.

Voor wie geldt de beperking?

Of de gunstmaatregel ook op jou van toepassing is, wordt beoordeeld bij het sluiten van de overeenkomst. Jouw bedrijf is een kmo als het, op dat ogenblik, niet meer dan één van de volgende criteria overschrijdt:

  • een jaargemiddelde van 50 werknemers
  • een jaaromzet van 9.000.000 euro (exclusief btw)
  • een balanstotaal van 4.500.000 euro.

Het gebeurt natuurlijk dat een onderneming groeit doorheen de tijd, maar dit heeft geen impact op de reeds lopende overeenkomst.

Vanaf wanneer van toepassing?

De nieuwe regeling is van toepassing op overeenkomsten die je sluit vanaf 29 april 2020. Wijken de algemene voorwaarden af van de 60-dagen termijn, dan wordt het afwijkend beding als niet geschreven beschouwd. Bijgevolg geldt sowieso de wettelijke termijn van dertig dagen. Vanaf dat moment beginnen ook intresten te lopen én is een schadebeding van toepassing is.

Dit stuk verscheen eerder op de site van SBB

Geplaatst in Financiën, Freelancer | Tags , , , | Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe gunstregel voor kmo’s: grote ondernemingen moeten facturen binnen de 60 dagen betalen

Discipline is een superkracht

Als je iemand die me goed kent, zou vragen wat mijn meest opvallende karaktertrek is, bestaat er een grote kans dat je te horen krijgt dat ik “zeer gedisciplineerd” ben.

Mensen vertellen met dat eigenlijk al mijn hele leven. Soms steekt dat, omdat ik zou willen denken dat ik spannendere eigenschappen heb. Mijn ietwat donkere, maar heerlijke gevoel voor humor, bijvoorbeeld?

Maar aangezien die uitspraken meestal vergezeld gaan van een weemoedige glimlach, heb ik geprobeerd te aanvaarden dat discipline – hoe saai het ook klinkt – blijkbaar mijn superkracht is.

Pomodoro-techniek

Omdat ik van zoveel mensen, zowel in loondienst als freelance, heb gehoord dat ze moeite hebben om onder de huidige lockdown-omstandigheden werk te verzetten, leek het me een goed idee om mijn huidige werkproces uit de doeken te doen. Hopelijk zullen sommigen onder jullie mijn methode nuttig of inspirerend vinden. Of misschien zal mijn proces eerder lachwekkend overkomen. Helemaal oké, ik vind het ook prima om voor wat vertier te zorgen.

Als ik deadlines heb, is mijn werkproces vrij eenvoudig. Elke ochtend verdeel ik mijn werk onder in de kleine taken die ik die dag moet voltooien om de opdracht te volbrengen.

Vervolgens open ik de Tomato Timer website. Ik druk op “Start”, begin te werken en ga door totdat de timer afgaat. Ik mag niets anders doen dan de microtaak die voorhanden is. Nadat de timer is afgegaan, neem ik een pauze, ga ik weer aan mijn tafel zitten en herneem ik mijn taak. En opnieuw en opnieuw.

De hierboven beschreven techniek is natuurlijk de Pomodoro-techniek en andere mensen hebben al veel beter dan ik dat kan uitgelegd waarom die zo goed werkt.

De pauzes zouden 5 minuten moeten duren, maar ik time ze meestal niet en als ik het wel doe, duren ze vaak langer dan 5 minuten. Dat stoort me niet. Het zijn de blokken van 25 minuten die er voor mij toe doen.

De belofte die ik mezelf doe, is dat ik gewoon 25 minuten moet werken, en dan zie ik wel. En na 25 minuten denk ik onvermijdelijk: “Dat viel best mee. Ik kan er nog wel één doen.”

Ik heb zojuist mijn cijfers voor de afgelopen weken nagekeken en ik heb op de meeste dagen vijf tot zeven uur op deze manier gewerkt. Vijf tot zeven uur supergefocuste werktijd. Zelfs ik duizel ervan.

Kleine beheersbare doelen

Een interview dat ik vorige week afnam met een onderwijsexperte, heeft me geholpen de psychologie achter deze techniek te begrijpen. Ik interviewde haar voor een artikel over hoe ouders hun tieners kunnen motiveren om hun schooltaken af te werken tijdens de lockdown. Ze legde uit dat het cruciaal is om kleine, beheersbare doelen te stellen. Onszelf een doel stellen en daar ook in slagen, houdt ons gemotiveerd, zei ze.

Elke keer dat ik een interval van 25 minuten volbreng, voel ik me inderdaad verdomd goed. Omdat het zulke korte intervallen zijn en omdat ik soms wil blijven werken nadat de timer is afgegaan, plak ik er ook regelmatig nog een paar minuten aan. Dan voel ik me helemaal een baas.

Voilà, nu weten jullie dat mijn superkracht in feite een combinatie is van een saaie tijdmanagementtechniek en wat doorzettingsvermogen.

Natuurlijk weet ik niet of ik net zo gemotiveerd zal zijn als of wanneer mijn opdrachten beginnen op te drogen. Maar ik hoop dat de techniek tegen dan een tweede natuur zal zijn geworden. Dat ik net zo ijverig zal zijn als ik geen deadlines heb, en niet veel meer kan doen dan ijverig klanten te pitchen, misschien een online cursus te volgen en eindelijk eens mijn website te updaten.

Ook deze techniek uitproberen?

Als we je nieuwsgierig genoeg hebben gemaakt om het ook eens te proberen, laat ons dan weten hoe het jou verging via freelancerthefriendly@gmail.com. We horen ook graag jouw tips om gemotiveerd en gedisciplineerd te blijven in deze moeilijke tijden. Ze lijken misschien doodgewoon voor jou, maar kunnen nuttig zijn voor iemand anders.


Over The Friendly Freelancer

Dit artikel werd geschreven door Linda A. Thompson en vertaald door Selma Franssen. Het werd eerst gepubliceerd op de website van The Friendly Freelancer, een collegiale nieuwsbrief voor creatieve freelancers. Je kan je hier abonneren op de nieuwsbrief.

Linda is een Belgische freelancejournaliste gespecialiseerd in rechten en sociaal onrecht. Ze schreef eerder voor Bloomberg LawDeutsche WelleOZYInternational Politics & SocietyUSA TodayIJNet, Underpinned en Equal Times.

Selma is een Nederlandse freelancejournalist die in Brussel woont. Ze is auteur van het boek Vriendschap in tijden van eenzaamheid en schreef al voor Charlie Magazine, OneWorld, De Morgen, De Standaard, The New Statesman, Bustle, Knack, VPRO en Newsweek.


 

Geplaatst in Freelancer, Prospectie | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Discipline is een superkracht

Welke verzekeringen ben je als freelancer verplicht om af te sluiten?

Zo ben je als freelancer verplicht om een burgerlijke aansprakelijkheid auto en een verzekering beroepsaansprakelijkheid te nemen. Werk  je in publieke ruimte, dan moet je onder bepaalde voorwaarden een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid in geval van brand of ontploffing afsluiten. We overlopen deze verzekeringen hieronder meer in detail.

Burgerlijke aansprakelijkheid auto

Wie zich met de auto op de baan begeeft zonder geldige burgerlijke aansprakelijkheid auto of autoverzekering, riskeert een fikse boete. Net zoals voor een privéwagen, moet ook je bedrijfsauto verzekerd zijn. Heb je een ongeluk gehad en hierbij schade berokkend aan een derde, dan dekt de autoverzekering dat.

Wanneer je schade hebt aan jouw wagen, zal je enkel vergoed worden wanneer de andere partij aansprakelijk is.

Ben je dus zelf aansprakelijk voor het ongeluk of is er sprake van vandalisme of vluchtmisbruik waardoor je de andere partij niet kent, dan zal je geen beroep kunnen doen op de autoverzekering. Om toch die kosten te recupereren, kan je een omniumverzekering nemen.

Voor de berekening van de kostprijs van je autoverzekering wordt er rekening gehouden met deze factoren:

  • De gegevens van je auto: merk, model, bouwmaand- en bouwjaar, soort brandstof …
  • Gewenste verzekering: standaard verzekering of omnium?
  • Profiel van de bestuurder: leeftijd, uitgiftedatum rijbewijs, schadevrije jaren …

Voor meer info:

Verzekering burgerlijke aansprakelijkheid in geval van brand of ontploffing

Heb jij een publieke ruimte dan ben je verplicht om de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid in geval van brand of ontploffing te nemen. Deze verzekering beschermt jezelf, de zaak en je klanten.

Stel: er breekt brand uit in je kantoor waardoor een klant schade oploopt. Die klant kan je hiervoor verantwoordelijk stellen, zelfs als het ontstaan van die brand niet jouw fout is.

De waarborgen en verzekerde bedragen zijn bij wet vastgelegd en worden jaarlijks geïndexeerd.

Een volledige lijst van alle ruimtes waarvoor deze verzekeringsplicht geldt, vind je in het Belgisch Staatsblad. Twijfel of je ruimte in aanmerking komt voor deze verzekering? Neem dan contact op met de technische dienst van je gemeente.

Verzekering beroepsaansprakelijkheid (BA)

De verzekering beroepsaansprakelijkheid verzekert de contractuele aansprakelijkheid tussen jou en je opdrachtgever. Bij eventuele schade, moet er een verband zijn tussen de fout die jij gemaakt heb en de gevolgen hiervan. Men spreekt dan over een beroepsfout of een professionele fout. Deze verzekering zorgt er dus voor dat bij fouten die jij veroorzaakt de financiële gevolgen  hiervan voor de opdrachtgever gedekt zijn.

Vaak wordt deze verzekering standaard opgenomen in het contract: de opdrachtgever eist dan van de freelancers dat ze verzekerd zijn tegen beroepsaansprakelijkheid

Vooral zelfstandigen met een vrij beroep worden verplicht om deze verzekering af te sluiten. Denk maar aan een architect die op zijn bouwplan een fout heeft gemaakt, waardoor een deel van het bouwwerk herdaan moet worden. De klant worden vergoed bij die vergissing en de architect hoeft er niet voor te vrezen dat hij een beroep moet doen op zijn eigen spaarpot.

Naast zelfstandigen met een medisch beroep, zijn freelancers met een intellectueel beroep zoals reisorganisatoren, boekhouders, verzekeringstussenpersonen, vastgoedmakelaars … verplicht om deze verzekering te nemen.

De premie is afhankelijk van deze factoren:

  • Je activiteit
  • Het bedrag dat je wil verzekeren
  • Aantal personen dat je wil verzekeren

Meer info

Meer info over verzekeringen vind je bij de verzekeraars en bij je sociaal verzekeringsfonds. 

Dit is deel 1 van onze reeks artikelen over ‘Freelancers en verzekeringen’. In deel 2 beschrijven we de aan te raden verzekeringen voor freelancers, en in deel 3 de extra ‘nice to have’ verzekeringen voor freelancers.

Geplaatst in Freelancer, Wetgeving ondernemen | Tags , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Welke verzekeringen ben je als freelancer verplicht om af te sluiten?

Stephanie De Wulf (Vlaamse overheid): “Workforce planning is belangrijke sleutel in de wellbeing-filosofie”

“Willen we als Vlaamse overheid wendbaar en slagkrachtig zijn, dan is het belangrijk om onze strategische fundamenten pertinent in vraag te stellen”, zegt Stephanie De Wulf. “Ik zet, samen met mijn team, de strategische krijtlijnen uit voor het talent- en wellbeingbeleid dat een kader vormt voor het HR-beleid van de 60 departementen en agentschappen van de Vlaamse overheid.” Finaal heeft deze visie een impact op de 27.000 medewerkers van de Vlaamse overheid.

Het belangrijkste is dat ik mijn visie op HR-beleid kan benaderen vanuit een talentperspectief

Waarop legt u de nadruk in uw beleid?

Stephanie De Wulf: “We bekijken het HR-beleid van de Vlaamse overheid vanuit een talentperspectief: de juiste skills, op het juiste moment op de juiste plaats. Met als finale doel de organisatiedoelstellingen realiseren. Dat betekent dat we heel bewust willen nadenken over welke skills we wanneer nodig hebben en onder welke tewerkstellingsvorm. Maar ook dat we onze interne mensen mobiel maken in hun loopbaan-denken en inzicht geven in hun loopbaan-verwachtingen. In hun sterktes en in hun ambities.”


Over Stephanie De Wulf

Stephanie De Wulf is 39 jaar en werkt sinds 2008 voor de Vlaamse overheid en sinds 2015 voor het Agentschap Overheidspersoneel (AgO). Ze studeerde handelswetenschappen (optie HR) en wist al meteen dat ze HR-manager wou worden. Stephanie startte haar carrière als Verantwoordelijke Personeel en Organisatieontwikkeling op het Departement Landbouw en Visserij en groeide door naar het centrale HR-Agentschap van de Vlaamse overheid (AgO). Op enkele jaren tijd groeide de HR-manager door in verschillende rollen terwijl ze zich tegelijk bleef bijscholen in HR-gerelateerde domeinen. Zo behaalde ze nog een master in sociaal recht en een master in arbeids- en organisatiepsychologie. “Want personeelsbeleid heeft zowel een economische- als een mens-benadering nodig”, zegt de HR-experte. Stephanie stimuleert niet alleen het loopbaan-denken bij de mensen in haar organisatie, maar evengoed bij zichzelf. Zo maakt ze ook voor zichzelf regelmatig de balans op. En de balans blijft positief. “Ik blijf het een supertoffe job vinden, ik werk 100% op mijn interesses en dat geeft voldoening. Daarom is het niet noodzakelijk altijd gemakkelijk, want ook in wat je boeiend vindt, heb je soms doorzetting nodig.”


Vinden we het beleid dat AgO uitstippelt terug in alle departementen en agentschappen binnen de Vlaamse overheid?

Stephanie De Wulf: “Elke entiteit heeft zijn eigen beslissingsbevoegdheid en eigen HR-team dat autonoom beslissingen neemt. Vanuit het Agentschap Overheidspersoneel (AgO) bieden wij hen een kader en de tools om een strategisch onderbouwd beleid uit te werken, afhankelijk van hun specifieke doelstellingen. Per entiteit liggen de accenten dus anders. Maar het is wel onze ambitie om naar een holdingstructuur te evolueren. Uiteindelijk willen we participatief samenwerken, want de verantwoordelijkheden delen is de meest duurzame manier om draagvlak te creëren. Daarom houden we er rekening mee dat we bij strategische beslissingen of veranderingen voldoende tijd en ruimte vrijmaken om het belang en de noodzaak bij alle betrokken partijen te duiden. Van de ruim 60 entiteiten hebben we niet alleen de HR-mensen nodig, maar ook de top en daarbovenop nog de politiek. Want onderling spelen veel verschillende belangen.”

Als het aan mij ligt, geven we onze workforce vorm op basis van scenario’s. We gaan er nu te gemakkelijk van uit dat we overal vaste mensen voor nodig hebben.

Welke prioriteiten liggen binnen de Vlaamse overheid op tafel?

Stephanie De Wulf: “Ik geloof heel sterk in strategische workforce planning en een mix van tewerkstellingsvormen. Het liefst anticiperen we nu al op het HR-beleid dat binnen 2 tot 5 jaar relevant is op basis van de organisatiedoelstellingen. Als het aan mij ligt, geven we onze workforce vorm op basis van scenario’s. We gaan er nu te gemakkelijk vanuit dat we overal vaste mensen voor nodig hebben. En pas als we problemen vaststellen zoals een moeilijk te werven profiel of budgettair weinig ruimte, kijken we richting externen. Terwijl ik vind dat je op basis van je workforce planning op langere termijn al bij aanvang moet nadenken over de meest geschikte tewerkstellingsvorm voor een bepaald project of een te behalen doelstelling. Zo bouw je flexibiliteit in door verschillende tewerkstellingsvormen zoals uitzendarbeid, freelance samenwerkingen, stagiairs of co-creatie te combineren. Maar evengoed door de interne mobiliteit te stimuleren en gemakkelijker te maken bij vaste medewerkers. We werken momenteel aan een beslissingsboom die bepaalt welke tewerkstellingsvorm in specifieke situaties aangeraden is. Dit zit wel nog in ontwerpfase en moeten we nog intern aftoetsten, maar het illustreert hoe we in de toekomst anders naar een personeelsbestand aankijken. Al besef ik dat dit een enorme shift is voor de entiteiten. We hebben nog een serieus traject af te leggen, maar dat geldt evengoed voor andere organisaties, leert research mij.”

Twee jaar geleden zijn we gestart met het project ‘loopbaan in eigen handen’.

U spreekt niet alleen over externe workforce, maar ook over interne flexibiliteit. Welke stappen zet de Vlaamse overheid hierin?

Stephanie De Wulf: “Twee jaar geleden zijn we gestart met het project ‘loopbaan in eigen handen’. We hebben de mensen handvatten aangereikt om ze te laten stilstaan bij hun loopbaan: wat zijn mijn talenten? Werk ik op dingen waar ik goed in ben? Hoe zie ik de komende 10 tot 20 jaar? Jonge generaties die nu op de arbeidsmarkt komen, maken die reflectie bijna vanzelf. Ik stel vast dat zij bijvoorbeeld feedback heel belangrijk vinden. We werken heel veel samen met stagiairs en we ervaren dat zij zich heel sterk bewust zijn van wat ze kunnen en waar ze naartoe willen. Ze zijn gretig in nieuwe dingen oppikken en initiatief nemen. Dat reflecteren hebben eerdere generaties niet meteen als basis meegekregen. Daarom hebben we onze mensen hierin begeleid met online tools en offline oriëntatiegesprekken. Dat heeft intern veel in beweging gezet. Mensen hebben inzichten verworven, maar ook wij als organisatie hebben hier heel wat zaken uit geleerd. Dat purpose of zinvol werk enorm belangrijk is bijvoorbeeld (wat dat precies mag zijn, is voor iedereen anders). Een goed voorbeeld is de flexibiliteit die sommige mensen aan de dag moesten leggen door de lockdown. Voor bepaalde uitvoerende kantoorfuncties, was er plots geen werk. Hier konden de mensen en entiteiten flexibel mee aan de slag gaan. Bijkomend merkten we een hoge nood aan bepaalde profielen in bepaalde agentschappen zoals bijvoorbeeld bij Zorg en Gezondheid. Een spontane oproep daarvoor bij de werknemers van de Vlaamse overheid leverde 100 kandidaten op binnen de 24 uur. Net omdat purpose in het geval van de coronacrisis zo duidelijk was. Ik ben fier op de bereidheid van de mensen om zich zo flexibel op te stellen.”

Iedereen is anders en iedereen verdient een andere aanpak. Dat is een visie die ik als leidinggevende cruciaal vind en ook uitdraag in alles wat ik doe.

Sinds enkele maanden bent u ook verantwoordelijk voor het beleid rond wellbeing. Welke invulling geeft u daaraan?

Stephanie De Wulf: “Ik vind het belangrijk dat we ons bewust zijn van de factoren die een invloed hebben op het welzijn van mensen binnen een werkcontext. Leiderschap is daarin belangrijk, maar ook collega’s en de sociale steun waarop je terugvalt. Een uitdagende job, autonomie en betrokkenheid binnen de organisatie sluiten hierbij aan. Wij willen het welzijn versterken, want wie gelukkig is presteert beter, doet zijn of haar werk liever en loopt vaker een extra mile. We houden de vinger aan de pols via personeelspeilingen en hebben een toolbox ontwikkeld om het welzijn van onze mensen te versterken: voor zowel leidinggevenden, HR-mensen, als de medewerkers zelf. We hebben ons hiervoor geïnspireerd op het concept van het Huis van Werkvermogen. Naast de personeelspeilingen is het ziekteverzuim een goede graadmeter voor het welzijn. We zagen die cijfers de laatste jaren fel stijgen (net zoals in andere sectoren). Dat wordt vaak geweten aan de gestegen werkdruk. Het klopt inderdaad dat de organisatie inderdaad slanker en efficiënter moet worden, maar ook dat we via alternatieve manieren voor werkdrukverlichting moeten zorgen. Een strategische benadering van een externe workforce is daar volgens mij een van de sleutels toe. Op welke manier kunnen externen of vormen van co-creatie of innovatie ons ondersteunen? Daar moeten we over nadenken. Maar wat we vooral ook zien is dat bij re-integratie van mensen die met een burn-outproblematiek kampen, ze vaak op een andere plaats in de organisatie terugkeren. Dat leert ons dat ze voorheen vaak niet op hun sterktes en talenten werkten. Want werkdruk heeft niet altijd rechtstreeks te maken met de hoeveelheid werk, maar soms nog meer met het type werk in combinatie met de vaardigheden en persoonlijkheid van de medewerkers. Iedereen is anders en iedereen verdient een andere aanpak. Dat is een visie die ik als leidinggevende cruciaal vind en ook uitdraag in alles wat ik doe.”


‘Women in Contingent Workforce Management’

Steeds meer organisaties professionaliseren het inhuren van hun externe talenten. NextConomy brengt daarom een reeks met interviews rond het centrale thema “Women in Contingent Workforce Management’. Met deze gesprekken willen we inspireren en inzichten delen met iedereen die van ver of dichtbij betrokken is met het inhuren van externen in organisaties. In het bijzonder willen we andere vrouwen laten zien dat er boeiende loopbanen zijn in een domein dat nog relatief nieuw en onbekend is, maar dat wel toekomstgericht en van toenemend strategisch belang voor organisaties is.

Eerdere interviews in deze reeks vind je hier.


 

Geplaatst in Opdrachtgever, Werven | Tags , , , , , | 1 Reactie

Help mijn klant is failliet, hoe geraak ik aan mijn geld?


“Eens je opdrachtgever failliet is, kan je nog maar weinig doen”, zegt Johanna Waelkens. “Daarom is het belangrijk om op voorhand na te denken welke stappen je kan en wil ondernemen om ervoor te zorgen dat je facturen betaald worden.”


Wat kan je doen voor de start van de opdracht?

1. Voorschot vragen

Veel freelancers vragen vaak een voorschot vooraleer ze met de opdracht starten, zoals een provisie die maandelijks betaald wordt of een eenmalig vast bedrag. Na het afronden van het project ontvang je dan de resterende vergoeding.

2. Voorzien in algemene voorwaarden

Neem in je algemene voorwaarden volgende zaken op om eventueel latere geschillen te beslechten:

Termijn van betaling: bijvoorbeeld binnen de 2 weken na factuurdatum. Neem op dat je recht hebt op interest als de opdrachtgever je niet heeft betaald in die periode. Heb je dit niet opgenomen in je algemene voorwaarden, dan geldt de wettelijke termijn van 30 dagen en de wettelijke interestvoet. Deze bedraagt voor het jaar 2020 1,75%.

Rechtbank van toepassing: bepaal in je algemene voorwaarden voor welke rechtbank eventuele geschillen uitgevochten worden. Maak je het zelf gemakkelijk en kies voor een rechtbank in je buurt.

Opgelet! De opdrachtgever moet je algemene voorwaarden aanvaarden. Tussen ondernemers volstaat het om je algemene voorwaarden te vermelden op de achterzijde van je factuur, met een verwijzing ernaar op de voorzijde. Als je opdrachtgever de factuur of de algemene voorwaarden niet protesteert, dan geldt dit in principe als een aanvaarding van je algemene voorwaarden.

Lees ook: Nieuwe gunstregel voor kmo’s: grote ondernemingen moeten facturen nu binnen de 60 dagen betalen

Lees ook: Algemene voorwaarden communiceren met klanten: waar moet je op letten?

Wat kan je doen bij niet-betaling?

1. Ingebrekestelling

Een ingebrekestelling is een brief die jijzelf of je advocaat schrijft gericht aan de tegenpartij. In die brief vermeld je dat je eerder een factuur hebt gestuurd, dat de vervaldatum voor betaling is verstreken, dat je nog steeds niets hebt ontvangen, dat je graag uitbetaald wil worden, dat je ook interesten aanrekent en dat je als je nog altijd niet betaald wordt overgaat tot dagvaarding.

Het is belangrijk dat je een ingebrekestelling opstuurt. Wanneer het tot een dagvaarding komt zal de rechter je vragen of je je klant via deze weg hebt aangemaand om je uit te betalen.

Facturen worden nu eenmaal soms vergeten. Meteen naar de rechtbank stappen is verregaand. Een ingebrekestelling is dus een geheugensteun voor je opdrachtgever dat je je centen wil.

2. Bewarend beslag

Via een beslagrechter kan je op een bepaald goed van je klant bewarend beslag leggen. Bijvoorbeeld een auto of een huis. Dat betekent dat de schuldenaar, de klant die je geld moet, dat goed niet zomaar meer mag verkopen. Je hebt dan een soort onderpand en als je facturen onbetaald blijven, kan je het bewarend beslag omzetten naar een uitvoerend beslag. Dat betekent dan dat het goed openbaar verkocht zal worden.

Let op: bij een faillissement heb je als beslaglegger geen voorrang op andere schuldeisers. Ook al ben jij diegene die beslag hebt gelegd, dan nog zullen schuldeisers met een recht van voorrang (bv. hypothecaire schuldeisers, de fiscus …) eerst worden uitbetaald.

Deze procedure is omslachtig en kost geld. Bovendien kan je enkel bij een vaststaande en zekere schuldvordering op deze procedure een beroep doen. Bij betwisting van je factuur door de klant, kan je deze procedure niet aanwenden.

3. Snelle invorderingsprocedure via gerechtsdeurwaarder

Heeft je klant de factuur niet betaald en heb je ook geen protest of betwisting op je factuur van hem gekregen, dan kan je een beroep doen op de snelle procedure via gerechtsdeurwaarder of de invorderingsprocedure voor onbetwiste schuldvorderingen (IOS-procedure). Je passeert dan niet via de rechtbank, maar je stuurt de gerechtsdeurwaarder naar je klant om de schuld in te vorderen.

Na het bezoek van de deurwaarder kan je opdrachtgever nog altijd beslissen om een protest in te dienen. De factuur is dan niet meer onbetwist waardoor deze procedure niet meer kan doorgaan. Je kan dan enkel dit geschil nog uitvechten voor de rechtbank.

4. Exceptie van niet-uitvoering

Als contractpartij heb je het recht om te stoppen met je prestaties wanneer je medecontractant zijn verplichtingen onder het contract niet uitvoert. Van zodra je klant je facturen betaalt, kan je weer aan de slag gaan.

Met deze exceptie van niet-uitvoering (enac) moet je als freelancer goed oppassen, want je kan je snijden in je eigen vel. Werk je bijvoorbeeld op uurtarief en je werkt een aantal uren niet, dan kan je die achteraf ook niet factureren.

Wanneer is deze procedure wel interessant voor freelancers? Wanneer je merkt dat het slecht gaat met het bedrijf van je klant en je een faillissement vreest. Dan kan je ervoor opteren om te stoppen met het leveren van die prestaties waarvan je zeker bent dat die nooit vergoed zullen worden.

Wat kan je doen bij faillissement?

Jammer genoeg niet veel. Bij een faillissement van een onderneming wordt er een curator aangesteld. Die zorgt ervoor dat alle schuldvorderingen worden geïnd en dat de goederen die verkocht moeten worden, verkocht worden. Met dat geld gaat de curator de schuldeisers betalen.

Typisch aan een faillissement is dat er niet voldoende middelen zijn om iedere schuldeiser te vergoeden. De staat, hypothecaire schuldeisers … krijgen voorrang. Jij als freelancer staat achteraan in de rij. De kans is dus in sommige gevallen klein dat je überhaupt nog iets krijgt.

Wat kan je wel doen wanneer je een faillissement van je klant vreest? Check elke dag het Belgisch Staatsblad. Hierin worden de faillissementen gepubliceerd. Van zodra je leest dat je klant failliet is, kan je een aangifte van schuldvordering indienen bij het digitaal platform Regsol, het Centraal Register Solvabiliteit. Het indienen van een schuldvordering in RegSol is gratis. De curator zal dan in de mate van het mogelijke rekening houden met je schuldvordering bij de verdeling.

Goede huisadvocaat

De meeste procedures kan je zelf doen, maar dat valt in de praktijk niet altijd evengoed mee.

Vanaf het begin van een geschil moet je een strategie uitstippelen en nadenken hoe je de zaken gaat aanpakken, hoe je je dossier gaat opbouwen en welke brieven je op welk moment moet versturen.


“Ik merk dat freelancers die zelf een procedure opstarten, vaak de verkeerde dingen vermelden”, sluit Johanna af. “Ze tonen soms empathie voor hun opdrachtgever, waardoor ze onbedoeld hun eigen ruiten ingooien. Daarom beveel ik aan om, uiteraard afhankelijk van de hoogte van je schuldvordering, een advocaat in te schakelen.”


 

Geplaatst in Financiën, Freelancer | Tags , , , , , , , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Help mijn klant is failliet, hoe geraak ik aan mijn geld?

Een VMS onder de loep: wat is het en waarom moet je het willen?


NextConomy en ZiPconomy Mini Learnings zijn een reeks van 10 online workshops. Het concept is simpel: om de 2 weken op dinsdag om 11.30 u deelt een groep experts gedurende 45’ hun kennis met de deelnemers aan de hand van hands-on demo’s en interactieve sessies.  Zie hier voor meer informatie. 


VMS technologie in het inhuurproces: met of zonder MSP?

De meeste bedrijven maken gebruik van specifieke technologie om hun vaste medewerkers aan te werven. Doorgaans gebeurt dit met behulp van een Applicant Tracking System (ATS), die voornamelijk bijhoudt welke vacatures je uitzet en welke personen solliciteren op deze vaste jobs.

Een Vendor Management Systeem (VMS) is daarentegen gericht op het beheer van alle externe talenten, liefst voor alle contractvormen die mogelijk zijn, gaande van uitzendkrachten, freelancers, contractors en consultants, over SOW-medewerkers, maar ook stagiaires & jobstudenten.

Bedrijven kunnen deze tools in eigen beheer inzetten en onderhouden of dit outsourcen naar een derde partij. Bij vaste medewerkers spreken we in dat geval van Recruitment Proces Outsourcing (RPO), die eigenaarschap nemen van de instroom aan sollicitanten en daarvoor gebruik maken van het ATS. Voor het beheer van de flexibele schil aan talenten spreken we over een Managed Service Provider (MSP), de dienstverlener, die meestal een VMS gebruikt om dit efficiënt te kunnen doen.

Deze overzichtelijke infographic maakt een en ander meer inzichtelijk:

Afbeelding 1 – Workforce solutions – Vast & flexibel personeel, hun stakeholders, outsourcing partners & bijhorende technologie (infographic door Nextconomy redactie)

Peter de Buck licht in de webinar toe dat de helft van hun klanten de VMS technologie zelf gebruiken en de andere helft beroep doet op een MSP met de VMS technologie.  Aangezien MSP’s een extern inhuurproces optimaal beheren, hebben ze nood aan een VMS om het proces transparant, objectief en meetbaar te maken. Vanuit het verleden ziet men bij Connecting Expertise dat grote programma’s gebruik maken van een MSP met VMS, en kleinere programma’s vaak in eigen beheer zijn met louter de VMS technologie. De laatste jaren kiezen ook de MSP dienstverleners er meer en meer voor om ook voor het beheer van kleine programma’s VMS technologie in te zetten. Gebruik van VMS technologie met of zonder MSP is voor veel bedrijven afhankelijk van hun inhuurstrategie, uitdagingen & bedrijfscultuur.

“Sommigen organisaties starten met een VMS in eigen beheer en evolueren later naar een VMS oplossing beheerd door een MSP. Dit is afhankelijk van het type uitdagingen waar je als organisatie mee geconfronteerd wordt en welke je wenst op te lossen.” Peter de Buck, Connecting Expertise.

De VMS onder de loep: wat doet het nu precies & wat zijn de voordelen?

Er zijn 4 grote proces-blokken voor extern personeel die beheerd worden in elk VMS systeem, legt Peter ons uit. Deze kunnen modulair uitgerold worden naargelang de noden van de klant. Het gaat dan met name om:

  1. Aanwerving
  2. Contracteren
  3. Beheer & Opvolging
  4. Betaling & Facturatie

Door met een VMS bovenstaande processen te digitaliseren, centraliseren en (deels) te automatiseren, realiseer je binnen je bedrijf volgende aantoonbare voordelen:

  1. Operationeel meer efficiënt proces
  2. Compliant proces (borgen van regel- en wetgeving)
  3. Visibel proces (dankzij rapportages)
  4. Verbeterd inhuurproces

Een groot voordeel van een webinar is dat we ook in een demo kunnen laten zien hoe een VMS werkt. Aan de hand van voorbeelden maakt Peter duidelijk hoe bovenstaande voordelen concreet via de VMS technologie gerealiseerd worden. Cruciaal zijn bijvoorbeeld de badges die toegang geven tot bedrijfsruimtes. “Wanneer de opdracht van een externe medewerker beëindigt wordt, dienen deze toegangsbadges ingeleverd worden. Wij zien veel situaties bij bedrijven waar er veel meer badges actief zijn dan dat er mensen actief zijn in de organisatie. Deze belangrijke off boarding stap kan perfect geautomatiseerd worden in het VMS”, aldus Peter. “We zien ook vaak een wildgroei aan contractvormen binnen organisaties. Centraal en digitaal beheren, is beter, en het helpt bij het opvolgen van prijsafspraken met leveranciers.”

 “Wanneer de opdracht van een externe medewerker beëindigt wordt, moet zijn toegangsbadge ingeleverd  worden. Wij zien veel situaties bij bedrijven waar er veel meer badges actief zijn dan dat er mensen actief zijn in de organisatie. Deze belangrijke off boarding stap kan perfect gedigitaliseerd en geautomatiseerd worden in het VMS” Peter de Buck, Connecting Expertise

Data vertalen naar kennis over je externe inhuurproces.

Dat een VMS bijzonder veel informatie verzamelt over het E2E (end-to-end) inhuurproces spreekt voor zich. Elke stap in het proces wordt opgevolgd en elke beslissing in het proces in de VMS time-stamped en gelogd voor de geautoriseerde gebruikers. Dit geeft heel wat informatie over wie wordt ingezet in je organisatie, met welke leveranciers je samenwerkt, hoeveel je uitgaven bedragen, maar ook hoe en waarom bepaalde mensen worden ingezet in de organisatie. Het VMS kan alle data visueel weergeven aan de hand van rapportages en dashboards.

“Het gebeurt wel vaker bij organisaties waar de samenwerking met een bepaalde contractor bewust wordt stopgezet. Later komt deze contractor via een andere weg gewoon weer de organisatie binnen omdat je als organisatie niet over die informatie beschikt. Met de rapportages van een VMS wordt dit inzichtelijk en wordt je als organisatie hiervan ontzorgd.” Peter de Buck

Wanneer deze data, via de rapportages van het VMS, omgezet wordt naar kennis van je inhuurproces dan zijn er heel wat optimalisaties te bekomen:

  • Lagere prijzen & kosten reducties
  • Verhoogde kwaliteit van je kandidaten en proces
  • Verlaging van de workload in je operationeel proces
  • Beslissingen op basis van feiten en niet gevoelens

Wat kost een VMS aan het bedrijf?

Het webinar toont helder de voordelen van een VMS, maar heeft natuurlijk ook een prijskaartje. Het besparingspotentieel dient groter te zijn dan de kost, zodat bedrijven een positieve business case hebben aan het einde van streep.

“Een VMS systeem zou zichzelf binnen de 3 maanden moeten terugverdienen” Peter De Buck

Peter licht toe dat er 2 kostencomponenten zijn bij de uitrol van een VMS:

  1. Vaste, eenmalige implementatie/configuratie kost
  2. Terugkerende jaarlijkse kost

De implementatiekost is afhankelijk van de grootte van je programma, de complexiteit en ook of er koppelingen gewenst zijn tussen het VMS met back-office systemen van de klant. Bij Connecting Expertise rekenen we voor een gemiddeld grote organisatie tussen de 10 à 20 dagen implementatie.

De terugkerende kost is een licentiekost voor het VMS. Daar zijn 2 prijsmodellen terug te vinden. Enerzijds wordt deze vaak berekend als percentage op uitgave (voor de externe medewerkers opgenomen in het programma). Dit percentage schommelt tussen de 0,4% en 0,6%, afhankelijk van de grootte van je uitgaven. Anderzijds kan deze ook als vaste bedrag  toegepast worden die maandelijks of jaarlijks wordt afgerekend.

Afhankelijk van de business case van de klant, wordt gekeken naar het beste model.

Demo van een VMS

In het tweede luik van dit webinar toont Peter heel concreet aan de hand van een live demo verschillende processtappen:

  • hoe goedkeuringsprocessen verlopen
  • hoe budgetten in de VMS opgevolgd worden
  • hoe kandidaten worden gescreend op ervaringen in het verleden,
  • hoe kandidaten worden vergeleken,
  • contract acceptatie
  • geautomatiseerde rapportages en dashboards

Het volledige webinar en demo kan je herbekijken :

Meer weten over deze reeks Mini Learnings?

  • Op deze pagina vind je alle informatie over de reeks Mini Learnings. Je kan je er ook aanmelden voor het volgende interactieve webinar van dinsdag 27 oktober 2020 via deze link. Deelname is gratis.
  • Op 27 oktober handelen we over ‘Compliancy garanderen via je Vendor Management Systeem (VMS).’ David Muyldermans van proUnity zal onze expert van dienst zijn op deze webnar. Hij deelt met ons zijn kennis waar je organisatie bij het beheer van je extern talent slim gebruik kan maken van een VMS om je proces compliant te maken, onder andere in al de verschillende contract proces stappen. Ook hij zal dat doen aan de hand van een korte live-demo.Mini Learnings zijn altijd interactief: je hebt zeker gelegenheid om vragen te stellen. Tot dan?
  • Een overzicht van eerdere afleveringen uit deze Mini Learings serie vind je hier.
Geplaatst in Inhuurvolwassenheid, Opdrachtgever | Tags , , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Een VMS onder de loep: wat is het en waarom moet je het willen?

EU verkent toegang tot sociale bescherming voor werknemers én zelfstandigen

Het probleem

Als gevolg hiervan zijn in veel lidstaten lacunes in de sociale bescherming voor deze groepen vastgesteld, met name wat betreft de toegang tot ziekte- en werkloosheidsuitkeringen, de bescherming tegen arbeidsongevallen en beroepsziekten, en zwangerschapsuitkeringen. De inkomensniveaus worden steeds vaker gebruikt om te bepalen of een activiteit als “werk” kan worden beschouwd; aangezien zelfstandigen echter vaak slechts een laag inkomen hebben, met name aan het begin van hun activiteit, bereiken zij niet de vereiste inkomensdrempel. Dit leidt tot lacunes in de dekking, en zelfs als er dekking wordt verleend, ontvangen zelfstandigen vaak een zeer laag uitkeringsniveau als gevolg van het feit dat ze slechts lage premies betalen.

In 2018 werkte in de EU in totaal 61 % van de beroepsbevolking nog steeds in een standaard arbeidsverhouding (SER); maar reeds 39 % werkte in een van de categorieën van niet-standaardarbeid of zelfstandige arbeid (Eurostat, Arbeidskrachtenenquête 2018). Ongeveer 14% van de in totaal 222 miljoen werkenden in de EU waren zelfstandigen; 8% waren voltijdse tijdelijke werknemers; 4% waren deeltijdse tijdelijke werknemers; en 13% waren deeltijdse vaste werknemers. (bron en bron)

Leren en inspireren

De sociale beschermingsstelsels in de hele EU werden de voorgaande jaren in meer of mindere mate aangepast aan de specifieke werksituaties van zelfstandigen en niet-standaardwerknemers. Hervormingen zijn dus in gang gezet.

In vier workshops tussen oktober 2019 en september 2020 werden op initiatief van de Europese Commissie voorbeelden en ervaringen van de uitbreiding van de sociale bescherming besproken rond het centrale thema “Toegang tot sociale bescherming voor werknemers en zelfstandigen”. Deze workshops waren bedoeld om de lidstaten te ondersteunen en bij te dragen aan de uitvoering van de beginselen die zijn vastgelegd in de aanbeveling van de Raad betreffende de toegang tot sociale bescherming voor werknemers en zelfstandigen.

Professor Paul Schoukens (KU Leuven & Tilburg University) gaf als themadeskundige het startschot van de reeks workshops door een overzicht van de lacunes in de formele dekking op Europees niveau te schetsen, en de voor- en nadelen van verschillende denkpistes te schetsen.

Deskundigen en nationale sociale partners uit alle EU-lidstaten wisselden kennis, ervaringen en inzichten uit rond vragen zoals bijvoorbeeld: Hoe kan de formele dekking worden uitgebreid tot niet-standaardwerknemers en zelfstandigen? Wat zijn de belangrijkste opties (in termen van ontwerp)? Wat zijn de voor- en nadelen van een vrijwillige aanpak tegenover een verplichte aanpak van de formele dekking? Hoe kunnen lacunes in de formele dekking worden verholpen in specifieke sectoren (bv. arbeidsongevallen, ziekte/werkloosheidsuitkeringen)? Dit was ook een gelegenheid om te discussiëren en ervaringen uit te wisselen over de wijze waarop een adequaat beschermingsniveau voor alle werknemers en zelfstandigen kan worden gefinancierd.

Voorlopige Conclusie

De COVID-19-crisis heeft er op krachtige wijze aan herinnerd hoe belangrijk universele toegang tot sociale bescherming eigenlijk is. Veel mensen met een laag inkomen zitten zonder adequate sociale bescherming. Al vóór de crisis zijn sommige lidstaten begonnen met het opnemen van mensen met een laag inkomen in de sociale beschermingsstelsels, bijvoorbeeld door te overwegen om ook korte termijncontracten te sluiten om drempels te bereiken, door ook werknemers van platformen in de sociale bescherming op te nemen of door premiebetalers die voor lange tijd in het stelsel hebben betaald, te belonen.

Het waarborgen van een fatsoenlijke sociale bescherming is van cruciaal belang voor de sociale samenhang en de preventie van armoede, maar andere welzijnsstelsels, zoals de universele gezondheidszorg, moeten in het algemene beeld worden opgenomen, aangezien zij bijdragen aan een algemeen toereikende sociale bescherming. Sommige innovatieve ad-hoc maatregelen die tijdens de crisis zijn genomen, kunnen op de langere termijn een bijdrage leveren aan een adequate sociale bescherming, hoewel zij wellicht moeten worden verfijnd en verbeterd. De crisis kan als katalysator hebben gewerkt om het idee te accepteren dat werkloosheidsuitkeringen, ouderschapsverlof of ziektekostenverzekering ook voor niet-standaard werknemers en zelfstandigen van vitaal belang zijn om hen te beschermen tegen de gevolgen van economische schokken.


De crisis kan als katalysator hebben gewerkt om het idee te accepteren dat werkloosheidsuitkeringen, ouderschapsverlof of ziektekostenverzekering ook voor niet-standaard werknemers en zelfstandigen van vitaal belang zijn om hen te beschermen tegen de gevolgen van economische schokken.


Met dank aan Professor Schoukens voor het delen van deze informatie. Paul Schoukens was ook lid van het panel tijdens de NextConomy en ZiPconomy debatavond op 6 oktober 2019 rond het thema sociale zekerheid.

 

Meer weten over deze vier EU workshops?

  • SCHOUKENS, P., Mutual Learning on Access to social protection for workers and the self-employed, 4th Workshop: Transparency and transferability – Thematic Discussion Paper, DG Employment, Social Affairs and Inclusion, European Union, 2020, 20. (verslag volgt)
Geplaatst in Financiën, Freelancer | Tags , , , , , , , | Reacties uitgeschakeld voor EU verkent toegang tot sociale bescherming voor werknemers én zelfstandigen

GIGHOUSE automatiseert het matchingproces van kandidaten met behulp van startups

GIGHOUSE, het digitale matchingplatform tussen freelancers en opdrachtgevers, zet samen met de Belgische startups theMatchBox en Scalefactory de eerste stappen richting een automatische matching tussen bedrijven en freelancers. Met deze samenwerking wil GiGHOUSE verdere stappen zetten naar innovatieve, digitale oplossingen binnen rekrutering. Via theMatchBox automatiseert GIGHOUSE het wervings- en selectieproces. Het platform denkt dat daardoor heel wat sneller en efficiënter een geschikte kandidaat gevonden kan worden voor een bepaalde freelance vacature.

Scalefactory – een jong, Belgisch bedrijf dat processen automatiseert en optimaliseert door middel van het Salesforce platform, zorgt ervoor dat de backend van GIGHOUSE perfect geïntegreerd is met de 360Match, de matching oplossing van theMatchBox. Vermits beide toepassingen een moderne API first architectuur hebben verliep de integratie vlot. 360Match haalt op een uiterst accurate manier data uit onder andere cv’s, skills en tools. Met behulp van ondermeer artificiële intelligentie en een unieke kwaliteitsmonitoring analyseert de software elke kandidaat en elk bedrijf, om zo de juiste persoon te selecteren voor de job. Rika Coppens, CEO van de groep House of HR voegt toe: “Met deze investering zet House of HR verdere stappen naar innovatieve, digitale oplossingen binnen rekrutering.

GIGHOUSE verwacht dankzij theMatchBox in staat te zijn om nog gerichter en efficiënter zoekopdrachten te verrichten en de juiste kandidaat meteen te contacteren. Op die manier krijgt GIGHOUSE de kans om te focussen op de menselijke kant van rekrutering en een culturele fit te garanderen.

Geplaatst in Opdrachtgever, Werven | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor GIGHOUSE automatiseert het matchingproces van kandidaten met behulp van startups

Algemene voorwaarden communiceren met klanten: waar moet je op letten?

Als je vaak contracten opstelt, dan ken je ze wel, de zogenaamde kleine lettertjes. Wanneer je je verbindt met een onbekende wil je garanties dat die persoon zijn afspraken zal nakomen. Omgekeerd creëren deze spelregels ook vertrouwen binnen een relatie. Zolang de algemene voorwaarden maar gekend en aanvaard zijn. Want enkel dan kan je ze inroepen bij een latere betwisting.

De algemene voorwaarden beschrijven eenzijdig de basisregels van het contract. Ze vermelden jouw voorwaarden over onder andere de levering, betaal- en garantietermijnen of aansprakelijkheid. Aanvaardt de partij waarmee je een contract aangaat deze voorwaarden, dan sta je juridisch sterker in geval van betwisting. Bijkomend voordeel: algemene voorwaarden maken een snelle afhandeling van de transactie mogelijk. Je hoeft niet telkens andere spelregels overeen te komen. Hieronder zoomen we voornamelijk in op de contractuele relatie met consumenten.

In 2 stappen naar geldige algemene voorwaarden

Zelfs als je algemene voorwaarden goed opgesteld zijn, is het belangrijk op voorhand af te toetsen of ze wel afdwingbaar zijn. In dit filmpje kom je te weten waar je precies moet op letten.

Je algemene voorwaarden zijn pas geldig wanneer je medecontractant instemt met deze voorwaarden. Daarvoor moet je enerzijds de voorwaarden kenbaar maken aan je medecontractant, anderzijds moet die de voorwaarden aanvaarden.

1.    Je voorwaarden kenbaar maken

Je medecontractant moet dus instemmen met de algemene voorwaarden. Dat betekent dat hij de voorwaarden wel eerst moet kennen. Daarvoor moet je in eerste plaats de algemene voorwaarden ter beschikking stellen of overhandigen aan de medecontractant.

Opgelet: wanneer je offerte enkel verwijst naar de algemene voorwaarden op je website, kan er twijfel rijzen over de werkelijke kennisname. Sommige rechters oordelen dat in zo’n geval niet voldoende bewezen is dat de betrokkene daadwerkelijk met de voorwaarden heeft ingestemd. In een relatie tussen ondernemingen (een B2B-relatie) daarentegen wordt het wel steeds meer aanvaard.

Maak de algemene voorwaarden ook voldoende zichtbaar. Algemene voorwaarden staan vaak afgedrukt op de keerzijde van een document. Is dit voldoende zichtbaar voor de klant? Hierover zijn de meningen verdeeld. Wil je zeker zijn, voorzie dan een afzonderlijk document. Indien de bestemmeling een consument is, gelden er immers strengere regels dan wanneer je een contract aangaat met een ondernemer. Zorg er sowieso voor dat het lettertype en de lettergrootte duidelijk genoeg zijn en dat de voorwaarden op een goede plaats vermeld worden.

Tot slot is het belangrijk dat je klare taal gebruikt. Zorg er dus voor dat de algemene voorwaarden begrijpelijk zijn voor je medecontractant. Vermijd met andere woorden discussies als gevolg van onduidelijk of complex taalgebruik. Onthoud vooral dat algemene voorwaarden helder en duidelijk moeten zijn. Zorg er bovendien voor dat je je algemene voorwaarden in dezelfde taal opstelt als de taal van de onderhandelingen of het contract.

Het is belangrijk dat je klant de voorwaarden goed kan doorlezen. Daarom moet je ze tijdig (lees: voorafgaand) bekendmaken, in elk geval vóór het sluiten van het contract of uiterlijk bij de contractsluiting. Doe je zaken met consumenten, dan doe je er goed aan je algemene voorwaarden niet alleen op de factuur te vermelden maar bijvoorbeeld ook op de offerte. Consumenten ontvangen de factuur doorgaans pas na het leveren van een prestatie of goed. Dit betekent dat zij geen kennis kunnen nemen vóór het sluiten van het contract waardoor je gevaar loopt dat de algemene voorwaarden niet toepasbaar zullen zijn in geval van een discussie.

2.    Aanvaarding van de voorwaarden

Als laatste en belangrijkste stap moet de tegenpartij de algemene voorwaarden ook aanvaarden. Het feit dat je klant de voorwaarden kent, is immers niet voldoende als bewijs bij een betwisting. Je moet aantonen dat hij of zij de voorwaarden ook heeft aanvaard. Dat kan op twee manieren: expliciet door ondertekening van de voorwaarden of impliciet door de inhoud van de algemene voorwaarden uit te voeren. Heeft een klant bijvoorbeeld niet getekend, maar heeft hij wel betaald binnen de afgesproken termijn, dan heeft hij impliciet de algemene voorwaarden aanvaard.

Je leest het: algemene voorwaarden hebben zeker hun nut. Ze versterken je contractuele positie, leveren doorgaans tijdswinst op en ogen professioneel wanneer je ze bijvoorbeeld (ook) op de website plaatst.

Je kan er echter niet altijd aanspraak op maken en ze zijn vooral gebruikelijk in standaardsituaties waarvoor geen onderhandelingen nodig zijn. Zo kan je bijvoorbeeld opnemen hoe een factuur geprotesteerd moet worden. Om je medecontractant te beschermen, bestaan er bovendien een aantal ‘verboden bedingen’. Het valt dus aan te raden een specialist in de arm te nemen voor de redactie.

Dit stuk verscheen eerder op de site van SBB.

Geplaatst in Freelancer, Wetgeving ondernemen | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Algemene voorwaarden communiceren met klanten: waar moet je op letten?