Maandelijkse archieven: februari 2019

Flexibele arbeid is de evidentie en niet de uitzondering

Marc De Vos, foto Goethals

De Westerse wereld van arbeid beweegt door drie simultane verschuivingen: talent, economie en technologie. “Door die combinatie krijgen we flexibiliteitsnood”, zegt Marc De Vos, visiting fellow Itinera Institute en decaan aan de Macquarie University (Australië). “Daarom moeten we veel meer uit het menselijke potentieel halen. Gestandaardiseerd werken zal niet verdwijnen, maar flexibele arbeid zal tot de evidentie van de arbeidsverhoudingen behoren en niet als een uitzondering die gereguleerd moet worden.”

Flexibele arbeid zal niet langer een buffer voor een organisatie zijn, maar de kern van de bedrijfsorganisatie, beweert u.

“Vandaag zien we in de meeste sectoren een harde kern van vaste reguliere arbeid met daarrond lagen van flexibeler werk, zoals deeltijds werk, tijdelijke arbeid of outsourcing. Arbeid zal in de toekomst gevarieerder worden. We hebben vandaag een deel van de flexibiliteit in andere statuten en posities gestoken, maar dat hoef je niet naar de toekomst te projecteren. Er moet transversaal doorheen de loopbaan meer variatie, dynamiek en verscheidenheid zijn. Daarmee zeg ik niet dat iedereen zelfstandige of freelancer moet worden. De grote uitdaging is hoe je daarmee omgaat in de regulering van de arbeid.”

We zijn kampioen in het verkavelen.

“Inderdaad. Als je ziet wat de ontslagnemende regering heeft gedaan met de mini-jobs, het reguleren van platformwerk of het bijverdienen in de horeca, dan is dat een doodlopende straat. Met verkavelen sluit je mensen op in statuten met artificiële grenzen en kom je kunstmatige obstakels in de loopbaan tegen.”

Moeten we van een wit blad vertrekken en alles opnieuw uittekenen?
“Sociale bescherming en arbeidsvoorwaarden moeten gedeeltelijk losgekoppeld worden van het statuut. De eisen van de standaardwerknemers en de flexibele werkers, wat hun statuut ook mag zijn, zullen op termijn naar elkaar toegroeien. Niet alleen omdat het sociaal wenselijk is, maar ook economisch noodzakelijk. Het is de discussie over de platformeconomie. Vroeg of laat wordt de spanning tussen de statuten veel te groot. Ik hoop dat er tijdig een soort gemeenschappelijke bedding komt, een middenweg.”

Een apart statuut, naast dat van de werknemer en de zelfstandige, is geen oplossing?
“Dat onderscheid dateert van de vorige eeuw en is totaal voorbijgestreefd. We moeten ons eerder afvragen wat de gemene deler van voorwaarden is die we willen koppelen aan economisch actieve mensen. Zo kunnen we de vruchten van Werk 4.0 plukken en wordt het combineren van activiteiten in de hele loopbaan gemakkelijk. Digitalisering mag geen nieuw proletariaat doen ontstaan dat geen enkele toekomst heeft op de arbeidsmarkt en alleen maar voorbestemd is om ultraflexibel van project naar project te stappen, zonder ooit een degelijk inkomen te hebben of een lening aan te kunnen gaan. We willen geen talentschaarste die de economie fnuikt, discussies over uitbuiting of technologie als een bedreiging zien. De digitalisering moet de productiviteit verhogen en hogere inkomens genereren. Welk statuut daaraan verbonden is, is voor mij irrelevant.”

We moeten meer de nadruk leggen op de loopbaan, en niet zozeer op de baan van de medewerker?
“De klassieke arbeidsbescherming die we erfden uit de negentiende eeuw en die de twintigste eeuw domineerde, moet evolueren naar de bescherming van de mens in zijn of haar loopbaan. Dat raakt vandaag moeilijk op de radar. Er wordt weinig aan permanente vorming gedaan. Dat is ook normaal wanneer je alleen maar kijkt naar de statische positie van een job en niet naar het dynamische perspectief van de job als onderdeel van een loopbaan. De herstructurering bij Proximus is daar een goed voorbeeld van. Daar hebben ze nagelaten om de medewerkers bij de les te houden. Het vraagt een mentaliteits- en cultuurverandering. De toekomst van arbeidsregulering gaat over meer dan arbeid. Er moet een permanente navelstreng zijn tussen onderwijs, opleiding en werk. Vandaag is dat nog niet het geval en zien we alleen maar verkaveling. Gelukkig zijn er al stappen in de goede richting, denk bijvoorbeeld aan duaal leren.”

Er moet een permanente navelstreng zijn tussen onderwijs, opleiding en werk.

Lees hier het nieuwste paper Werk 4.0 van Marc De Vos

Geplaatst in Freelancer, Wetgeving ondernemen | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Flexibele arbeid is de evidentie en niet de uitzondering

Verkiezingsdebat over arbeidsmarkt blijft nog zonder scherpe randjes

Onder de titel ‘Durf kiezen voor de arbeidsmarkt van de toekomst’ organiseerde Vlaams netwerk van ondernemingen Voka op 21 februari een debat tussen lijsttrekkers en specialisten van de zeven Vlaamse partijen. Een debat waar – nog vrij voorzichtig – de verschillende opvattingen van die partijen naar voren kwamen.

Uitdagingen voor de arbeidsmarkt

“De krapte op de arbeidsmarkt is er en zal alleen maar toenemen. We hebben iedereen nodig. Jong en oud. Ongeschoold, hooggeschoold en bijgeschoold. Alleen zo bouwen we mee aan de welvaart voor heel de maatschappij.” Met deze woorden opende Voka-voorzitter Wouter De Geest het verkiezingsdebat van Voka in het bijzijn van zo’n 150 politici en ondernemers.

Voor Voka zijn de krapte op de arbeidsmarkt, het hoge percentage inactieven, het achterblijven van scholing ten opzichte van de digitalisering en het langer werken de centrale thema’s binnen het debat over de toekomst van de arbeidsmarkt.

Thema’s die voor de deelnemers aan het panel – Peter Van Rompuy (CD&V), Yasmine Kherbache (sp.a), Wouter Vermeersch (Vlaams Belang), Wouter De Vriendt (Groen), Vincent Van Quickenborne (Open Vld), Jan Busselen (PVDA) en Zuhal Demir (N-VA) – herkenbaar waren. De oplossingen waar ze mee kwamen waren natuurlijk verschillend. De discussie bleef nog wat bij het uitwisselen van ideeën. Een echt debat, ook om te zien waar mogelijk (onverwachte) coalities konden onderstaan, werd het nog niet. Daarvoor is de campagne misschien nog te vroeg.

We selecteerden wel per partij alvast een aantal opvallende uitspraken:

Om meer mensen aan het werk te krijgen is er meer behoefte aan ‘hamburger-jobs’. Daar moet je niet denigrerend over doen, het kan een prima opstap naar ander werk zijn. – Vincent Van Quickenborne (Open Vld)

 

Op het vlak van begrijpend lezen bleek Vlaanderen onlangs de sterkste daler in Europa. Het mag dus geen taboe zijn om taalachterstand aan te pakken wanneer nodig. Ook de onderwijskoepels mogen daar niet van wegkijken en een tandje bijsteken. – Zuhal Demir (N-VA)

 

In internationaal onderzoek komt België naar boven als het land waar werknemers een zeer lage bereidheid hebben om aan scholing te doen. – Peter Van Rompuy (CD&V)

 

Goed onderwijs is de basis van een goede arbeidsmarkt van morgen. Daarbij ook aandacht voor het feit dat onder allochtonen met hogere opleiding het percentage inactieven erg hoog ligt. Daar is dus meer aan de hand dan het gebrek aan competentie. – Yasmine Kherbache (sp.a)

 

Het is net alsof dertigers continu 120 km per uur rijden maar dan wel in de derde versnelling. Ze hebben te weinig de mogelijkheid om wat gas terug te nemen. – Wouter Vermeersch (Vlaams Belang)

 

We moeten inderdaad langer werken. Maar het gaat vooral ook om gezond kunnen werken. Er moet meer aandacht komen voor gezonde jobs. – Wouter De Vriendt (Groen)

 

De arbeidsmarkt van morgen vraagt niet om langer of meer werken. We moeten juist naar een maximale werkweek van 30 uur. Met behoud van salaris. – Jan Busselen (PVDA)

Geplaatst in Freelancer, Opdrachtgever, Wetgeving inhuur, Wetgeving ondernemen | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Verkiezingsdebat over arbeidsmarkt blijft nog zonder scherpe randjes

Robots zoeken mensen: 7 regels om mens en machine samen aan het werk te zetten

Gaan robots aan de haal met de jobs van de mens? Dat is de vraag die sinds een tiental jaar over ieders lippen gaat. In de praktijk lijkt het omgekeerde echter te gebeuren. Dit wordt aangetoond door de derde editie van het onderzoek dat wordt gevoerd door ManpowerGroup over de impact van de digitalisering op de werkgelegenheid. Nooit eerder planden zoveel werkgevers (93% tegenover 91% vorig jaar) een uitbreiding of een behoud van hun personeelsbestand omwille van de digitalisering van bepaalde taken. De prioriteit op de arbeidsmarkt vandaag is de impact van de digitale transformatie op de competenties te ruggensteunen. 

Robots hebben mensen nodig

“Zich voortdurend afvragen of robots ons werk zullen overnemen, doet ons afwijken van het echte debat”, zegt Philippe Lacroix, Managing Director van ManpowerGroup BeLux. “Het is zeker zo dat steeds meer machines de rangen van de bedrijven komen vervoegen, maar dat verhindert hen niet om verder jobs te creëren. De arbeidsmarkt is ingrijpend aan het veranderen en de bedrijven moeten middelen inzetten om de competenties van hun werknemers te versterken zodat ze voorbereid zijn voor opkomende functies die complementair zijn met de functies die door machines worden ingevuld. Ja, robots hebben mensen nodig … maar deze laatste moeten de nodige competenties hebben om er een team mee te vormen.” De menselijke kwaliteiten zijn prioritair… ook al zijn de technische competenties een onmisbaar paspoort om toegang te krijgen tot de arbeidsmarkt.

Technologische en digitale competenties worden in toenemende mate gezocht in alle vakgebieden, maar het zijn de menselijke  kwaliteiten die door werkgevers meer gewaardeerd worden dan vroeger het geval was, omdat automatisering de norm wordt en machines efficiënter worden bij het uitvoeren van routinetaken. En terwijl 39% van de Belgische bedrijven moeite heeft om hun werknemers op te leiden voor de meest gevraagde technische competenties, vindt 45% het nog moeilijker om hen de menselijke kwaliteiten te laten aanmeten die ze nodig hebben, zoals zin voor analyse en communicatie. Vandaag behoort de toekomst toe aan de kandidaten die blijk geven van bovengemiddelde cognitieve competenties, creativiteit, vermogen om complexe informatie te verwerken en aan te wenden, en die zich tegelijk ook kunnen aanpassen en vlot zijn in de omgang.

7 regels om mens en machine samen aan het werk te zetten

Aangezien digitalisering en automatisering de norm worden in de bedrijven, moet het beleid inzake HR-management evolueren. Met wervingsmoeilijkheden die overal ter wereld recordniveaus bereiken en werkgevers die bepaalde taken willen automatiseren en jobs willen creëren, is het niet langer alleen een kwestie van talenten vinden: ze moeten gevormd worden.

In zijn rapport ‘Humans wanted : The Robots need you’ formuleert ManpowerGroup zeven tips om mens en machine te laten samenwerken. Met continue training en de ontwikkeling van competenties als rode draad. Meer dan 9 van de 10 Belgische werkgevers hebben verklaard tegen 2020 de competenties van hun personeel te willen aanscherpen om de digitalisering het hoofd te bieden.

1| HET BELANG VAN LEADERSHIP NIET VERGETEN

De zaakvoerders moeten de aanjagers van de verandering en de innovatie zijn, en de eerste voortrekkers van de trainingscultuur opdat hun bedrijf een plaats wordt waar men veel kan leren en om de uitdagingen aan te gaan van een tijdperk dat gekenmerkt wordt door de snelle evolutie van de competenties.

2| VAN VROUWEN EEN ESSENTIEEL DEEL VAN DE OPLOSSING MAKEN

Vrouwen maken 50% van de actieve bevolking uit en hebben sinds 2017 vaker een diploma dan mannen. Het is dus van essentieel belang een cultuur te bevorderen die vrouwen de ruimte geeft om tot ontbolstering te komen. Wat voor vrouwen werkt, werkt overigens voor iedereen.

3| DE ASPIRATIES VAN UW WERKNEMERS BEGRIJPEN

Tegen 2025 zullen de millennials en de Generatie Z (jongeren geboren na 1995) meer dan twee derde van de wereldwijde actieve bevolking uitmaken. Bedrijven moeten zich aanpassen aan deze jonge professionals door meer gevarieerde en flexibele werkmodi aan te bieden, van een arbeidsovereenkomst voor een specifieke opdracht over de uitzendovereenkomst tot deeltijds vast werk, als ze de grootste talenten willen aantrekken en behouden; dat is wat 87% van de actieve bevolking van de bedrijven verwacht.

4 | DE CAPACITEITEN VAN DE WERKNEMERS PRECIES KENNEN

Bedrijven moeten steunen op evaluatie, het gebruik van exacte en bijgewerkte gegevens en op hulpmiddelen voor de voorspelling van prestaties om hun werknemers in te zetten waar ze het meest efficiënt zijn. Ze moeten ook vermijden dat competenties te fel worden afgebakend.

5| TRAINING OP MAAT AANBIEDEN

Bedrijven moeten overstappen van trainingsmethoden in grote groepen naar gerichte, omkaderde benaderingen op basis waarvan hun werknemers de strategische competenties kunnen verwerven die extern zo moeilijk te vinden zijn.

6| FOCUS OP DE MENSELIJKE KWALITEITEN

Bedrijven moeten hun HR-strategieën verfijnen zodat ze rekening kunnen houden met het feit dat menselijke kwaliteiten moeilijker te ontwikkelen zijn dan technische competenties.

7| DE MENS DE SLEUTEL GEVEN OM HET BESTE UIT DE TECHNOLOGIEËN TE HALEN

Bedrijven moeten hun werknemers voortdurend bijscholen en talenten kneden. Ze moeten de competenties die ze nodig hebben om van menselijk talent de perfecte aanvulling op machines te maken, analyseren en herevalueren.

Geplaatst in Inhuurvolwassenheid, Opdrachtgever | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Robots zoeken mensen: 7 regels om mens en machine samen aan het werk te zetten

De brexit nadert: wat zijn de gevolgen voor uw onderneming?

Alleen als het volledige ‘terugtrekkingsakkoord’ wordt goedgekeurd, komt er na 29 maart 2019 een zogeheten overgangsperiode. In dat geval blijft alles bij het oude tot 1 januari 2021. Komt er geen akkoord, dan wordt het verenigd Koninkrijk beschouwd als ‘derde land’ wat zal leiden tot hogere importheffingen, strengere douaneprocedures en meer controles met de verschillende Europese landen.

De belangrijkste gevolgen van de brexit op een rij 

  1. EORI-nummer verplicht

In- en uitvoer van en naar het VK wordt enkel nog mogelijk met een zogeheten EORI-nummer (Economic Operator Registration and Identification). Dit is eigenlijk uw btw-nummer dat voor douane wordt ‘geactiveerd’. Ondernemingen die nu reeds goederen invoeren of uitvoeren, hebben al zo’n nummer en hoeven dus verder niets meer te doen.

De fiscus is al begonnen met ondernemingen te contacteren die een EORI-nummer nodig hebben voor hun handel met het VK en die dit nog niet hebben. Nog geen bericht gehad of nummer aangevraagd? Hier leest u hoe u dit zelf kunt aanvragen.

  1. Douaneformaliteiten bij in- en uitvoer

Bedrijven die vandaag in het VK verkopen, of in het VK goederen aankopen, verrichten respectievelijk intracommunautaire ‘leveringen’ en ‘verwervingen’. Omdat het om handel tussen EU-lidstaten gaat, zijn die vrijgesteld van bijzondere douaneformaliteiten.

Met de brexit verlaat het VK echter ook de interne markt en douane-unie. Bijgevolg worden intracommunautaire leveringen en verwervingen respectievelijk ‘export’ en ‘import’, die wel onderworpen zijn aan strenge douanecontroles en -formaliteiten (zoals douaneaangiftes). Hou er ook rekening mee dat u op de import van aangekochte goederen uit het VK btw zal moeten betalen. Ook de invoer van uw producten in de VK zal bijkomende formaliteiten met zich meebrengen. Dit neemt tijd in beslag. Denk er dus aan dat uw goederen mogelijks een paar dagen zullen “geblokkeerd” zijn.

Belangrijk: informeer tijdig over de mogelijkheden om uw douaneformaliteiten zelf te regelen, of uit te besteden aan een douanevertegenwoordiger of vervoermaatschappij.

  1. Geen VAT-refund meer via INTERVAT

Tot eind januari 2019 kon u uw Britse btw eenvoudig elektronisch terugvragen via de toepassing VAT-refund van het Belgische INTERVAT. Op 30 maart vervallen echter ook alle digitale connecties tussen het VK en de EU, vandaar dat het aan te raden is uw teruggave zo snel als mogelijk te doen. Op die manier bent u zeker dat alles tijdig geregeld is. Na 30 maart zal u uw verzoek tot teruggave van uw Britse btw rechtstreeks moeten indienen bij de Britse belastingendienst, in het Engels.

  1. Aangifte digitale diensten niet meer via MOSS

Levert u digitale diensten (zoals webdesign, websitebeheer …) voor particuliere afnemers in het VK? Vanaf 30 maart zult u deze omzet niet langer kunnen aangeven via de MOSS-kwartaalaangifte (Mini One Stop Shop). Voor de aangifte van uw diensten verricht tussen 30 en 31 maart 2019, en vanaf het 2de kwartaal van 2019, moet u zich registreren in het VK en de procedures volgen die de Britse belastingdienst u zal meedelen. Hier zijn echter nog geen verdere instructies vanuit het VK over bekend.

Geplaatst in Freelancer, Geen onderdeel van een categorie, Wetgeving ondernemen | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor De brexit nadert: wat zijn de gevolgen voor uw onderneming?

Kom jij ook netwerken op de 2de Freelance Business Day?

Hun Engelstalig event in het Brusselse L42 Business Centre richt zich tot zowel kandidaat-freelancers als gevestigde solo-ondernemers. Zowel Belgische als buitenlandse solo-entrepreneurs zijn er hartelijk welkom om er in een prettige ambiance meer te leren over groei, efficiënter werken, klantenprospectie en sales- & marketingtechnieken.

Praktische topics

Een netwerk van meer dan 100 freelancers (voornamelijk IT’ers, marketeers, coaches, web & graphic designers, consultants en trainers) mocht via een online enquête zelf bepalen welke thema’s aan bod zullen komen. Deze praktische topics kwamen als ‘meest gevraagde’ uit de bus: prijszetting, timemanagement en planning, onderhandelingstechnieken, verkoopgesprekken, netwerken, visibiliteit, opbouw van je expertise, opinieleiderschap… Alle sessies worden gepresenteerd door freelancers. Er is ook een lunchpauze van maar liefst 2 uur om spontaan netwerken en kennisdeling alle kansen te geven.

Tegelijk bieden ze starters of werknemers die een freelance-carrière overwegen een afzonderlijk Wantrepreneur-traject aan. Dit zijn de voornaamste accenten: Hoe contacteer je je eerste klant? Wat met je administratie en paperassen?

Voor meer informatie over het programma zie http://freelancebusiness.be/fbd

Belangstellende lezers van Nextconomy krijgen een korting van 20% via https://ti.to/freelance/freelance-business-day-19/discount/NEXT.

Maar haast je, want de maximale capaciteit van de zaal wordt zeker gehaald.

Geplaatst in Freelancer, Vakmanschap | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Kom jij ook netwerken op de 2de Freelance Business Day?

Ook zelfstandigen voortaan vanaf eerste dag recht op ziekte-uitkering

Zelfstandigen die langer dan zeven dag ziek zijn, hebben vanaf nu recht op een uitkering vanaf de eerste dag ziekte. Dat is het resultaat van het wetsvoorstel dat gisterenmiddag in de Kamercommissie Bedrijfsleven werd goedgekeurd.

De evolutie naar een wachtperiode van 7 dagen komt er bovenop de eerdere inkorting van begin 2018 waarbij de carensmaand werd bijgesteld naar een wachtperiode van 14 dagen. Bovendien vervalt de wachtperiode van 7 dagen bij ziekte die langer dan 7 dagen duurt. Op die manier zijn zelfstandigen die niet kunnen werken door bijvoorbeeld griep beter beschermd tegen inkomensverlies.

“Volgende legislatuur willen we werk maken van een gelijke sociale bescherming, ongeacht je statuut als werknemer, ambtenaar of zelfstandige”, zegt minister van Sociale Zaken Maggie De Block.

Geplaatst in Financiën, Freelancer | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor Ook zelfstandigen voortaan vanaf eerste dag recht op ziekte-uitkering

Cobots als deel van de flexschil. De toekomst van werk is nu echt begonnen

Een kopje thee graag

De High Tech Campus in Eindhoven was het passende decor voor deze erg toekomstgerichte ontbijtsessie. Want cobots, dat is nog verre toekomst, niet? Toch niet, zo blijkt tijdens de inleidende uiteenzetting van Silvester de Keijzer, CEO van HAHN Robshare, een van de initiatiefnemers voor deze kennismaking met een cobot. Zijn organisatie zet momenteel een 200-tal robots op een flexibele manier ‘in het veld’ in en dit aantal groeit met 5 à 6 per week. De filosofie is dat cobots geen mensen vervangen, maar wel aanvullend samenwerken met mensen om ze te ondersteunen. Hij geeft het voorbeeld van de cobot in het ziekenhuis die de patiënt snel en efficiënt een warme kop thee brengt, een klus waar het personeel doorgaans weinig tijd of aandacht voor heeft.

Hoe meer schaarste, hoe meer cobots

De eerste ervaringen met het inzetten van cobots op een flexibele manier zijn er dus. Prima moment dachten Ron Bosma en Marc Viëtor van Talentin om de bevindingen en inzichten op een rij te zetten.  Als adviseurs in strategisch workfoce management is het cobotvraagstuk heel actueel. Hoe verloopt het inhuren van een cobot in de praktijk? Waar moet je op letten? Hoe ziet de ideale hr supply chain er dan uit? Met dit event wil TalentIn het thema uit de theoretische discussie trekken en zoeken naar wat de (mogelijke) belemmerende factoren zijn om tot grootschalige implementatie over te gaan.

Een eerste rondvraag maakt duidelijk dat onbekend ook onbemind betekent. Een van de gasten stelde letterlijk “ik heb er wel van gehoord, maar ik heb geen idee wat te verwachten.” Een andere deelnemer verklaarde vaste robots altijd als enige oplossing gezien te hebben, en dus erg benieuwd te zijn om deze flexibele cobots te ontdekken. Toch werd er ook aangegeven dat de structurele schaarste op de arbeidsmarkt de opkomst van cobots zal versnellen. Steeds meer bedrijven staan er voor open om ‘het eens te proberen’.

Hou bij het inzetten van cobots drie belangrijke principes voor ogen. Een cobot werk samen met mensen en vervangt ze dus niet. Veiligheid is cruciaal. En gebruiksgemak staat voorop. Eens je dit voor ogen hebt, zijn er een onbeperkt aantal applicaties te verzinnen. De mogelijkheden zijn eindeloos. Cobots flexibel inzetten op inhuurbasis brengt eerder logistieke problemen (bijv. aanvoeren en weghalen) met zich mee dan acceptatie-issues. Slaagkansen staan of vallen met de juiste verwachtingen. Het is belangrijk om op voorhand de toepassingen scherp af te lijnen. Nog niet alles kan worden uitgevoerd door een cobot. De doelstellingen uitklaren is dus noodzakelijk.

Razendsnelle evolutie

“We ontsnappen echt niet aan cobots, dat is een zekerheid. We moeten wel dringend leren hoe hier mee om te gaan”, zo stelde Pauline Strijland. Zij werkt als adviseur voor de Nederlandse Provincie Limburg en voert momenteel onderzoek naar de impact van digitalisering op de economie.

We ontsnappen echt niet aan cobots – Pauline Strijland (Prov. Limburg)

Haar stelling wordt meteen bevestigd door Ruud van de Burg van Stichting Art of Robotics: “cobots zullen worden doorontwikkeld net zoals smartphones zijn ontstaan uit de eerste gsm’s en nu allerlei apps hebben op jouw maat. De snelheid waarmee deze ontwikkelingen gebeuren, is exponentieel. Vorig jaar zou het thema van deze sessie nog op scepsis worden onthaald, vandaag zijn bedrijven als Philips, ASML, DHL en USG hier aanwezig. Of ze bellen zelf naar de leveranciers van cobots.”

Vorig jaar zou deze sessie nog op scepsis zijn onthaald, nu gaan de ontwikkelingen exponentieel – Ruud van de Burg (Stichting The Art of Robotics)

Maarten Hanssen van Philips brengt de technologie weer in verbinding met de mensen. Het succesvol inzetten van cobots heeft voor hem alles te maken met de volwassenheid van de relatie tussen de mensen in het team onderling. Ook daar is een evolutie in de visie hoe teams samenwerken. Van fysiek samenwerken tot puur digitaal.

Sneller en nauwkeuriger

Mooi voorbeeld hiervan is DHL waar cobots succesvol worden ingezet in het logistiek gebeuren op de site in Beringe bij Weert. De medewerkers daar werden nauw betrokken bij de invoering van cobots. Voormalige orderpickers zijn nu machine operatoren geworden, getuigt Theo Tosserams van Robomotive. “Ze werken met eenzelfde ploeg sneller en nauwkeuriger. Productiever dus. Daardoor kunnen ze extra klanten aantrekken.” Door de medewerkers vroeg te betrekken, is bovendien de acceptatiegraad erg hoog. De vraag die steeds terugkomt: Wat levert dit op? In het geval van DHL duidelijk verhoogde productiviteit en veiligheid.

Het terugverdienmodel is voor een organisatie een bepalende factor in het beslissingsproces om al dan niet cobots in te zetten. Bij Philips in Drachten staan de cobots midden tussen de medewerkers als geïntegreerd deel van het productieproces. Het acceptatieproces ging vrij vlot.  Mensen kennen cobots in de thuisomgeving als zelfwerkende stofzuigers of grasmaaiers. De acceptatievraag zit doorgaans eerst bij de CEO want die gaat rekenen wat zijn ROI is. Marc Viëtor speelt hier op in door te verwijzen naar recent onderzoek van Manpower The Skills Revolution waaruit blijkt dat organisaties die wél investeren in automatisatie sneller groeien.  Om de ROI te berekenen, helpt het dat een bedrijf al data heeft over veiligheid (denk aan arbeidsongeval statistieken), productieverlies door stilstand enz. Als deze statistieken verbeteren, is er ROI. Data worden steeds belangrijker voor organisaties en cobots helpen daarbij.

Is er een keerzijde?

Na al deze hoera-berichten toch ook aandacht voor enkele bedenkingen. Als eerste de vaststelling dat cobots niet bijdragen aan de sociale zekerheid en de belastingen. Daarnaast is het natuurlijk zo dat cobots veel data genereren over de mensen die ermee samenwerken, bijvoorbeeld of ze hun werk wel goed doen. Tot slot kwam de vraag of cobots het werk zullen afnemen van bijvoorbeeld duizenden uitzendkrachten die nu eenvoudige routine taken uitvoeren?

Cobots zullen niet het werk van uitzendkrachten afnemen, zo stelt Silvester de Keijzer gerust. Om cobots ontstaan immers andere banen heen en werken mensen op een andere manier. Bovendien is een leverancier van cobots geen expert in werk. Dat is een uitzendkantoor wel. Klanten hebben bovendien doorgaans niet structureel nood aan een cobot. Bart Kock van USG onderzoekt daarom momenteel hoe cobots hun klanten kunnen helpen door ze samen met de uitzendkracht te leveren. Het ‘man and machine-principe’ dus. Een scan moet duidelijk maken welke handelingen beter, sneller, veiliger door de cobot kunnen worden gedaan. Prijsafspraken bij grote USG-klanten op basis van een TCO-model en niet ‘uurtje-factuurtje’ versnellen deze evolutie. Overigens heeft Robshare ook al een robot-supervisor ontwikkeld die meerdere cobots aanstuurt via AI of augmented reality.

USG denkt na over inzetten van cobots samen met uitzendkrachten – Bart Kock (USG)

Om af te ronden volgt een korte demonstratie waarbij de aanwezige cobot ter plaatse wordt geprogrammeerd om enkele eenvoudige taken uit te voeren. Dat programmeren is erg eenvoudig: “een kind van 6 jaar kan dit”, zo beweert Silvester de Keijzer.


Cobots zijn er in allerlei maten en vormen. Ze zijn licht en relatief goedkoop. Overweegt u cobots in te zetten, houd dan rekening met deze tips:

  • Onderzoek welke cobots er bestaan: ze komen in diverse vormen, bijv. 6 of 8 assen. Ook de tilkracht kan verschillend zijn, bijv. tot 10 kg.
  • Denk na hoe een cobot je productieproces kan optimaliseren: wat moet het inzetten van de cobot aan winst opleveren?
  • Maak zeker ook een risicoanalyse van de cobot zelf: is de cobot met de hand te stoppen? Kan de cobot nog worden uitgebreid met extra functionaliteiten? …
  • Denk op lange termijn
  • Try before you buy!

Lees ook eerdere berichten op NextConomy over het inzetten van cobots.

Geplaatst in Inhuurvolwassenheid, Opdrachtgever | Tags , , , , | Reacties uitgeschakeld voor Cobots als deel van de flexschil. De toekomst van werk is nu echt begonnen

De 12 werken van het VBO

VBO Verkiezingsmemorandum in 12 werken

Het VBO presenteert 12 werken of strijdpunten in hun Verkiezingsmemorandum 2019. Ondernemingen staan voor diepgaande en snelle transformaties in hun economische omgeving, in het sociaal-maatschappelijke kader en het leefmilieu. Ook de beleidsmatige antwoorden op deze uitdagingen veranderen snel mee. Het VBO vraagt alle regeringen van ons land om ambitieus om te gaan met deze voorstellen en ze gecoördineerd aan te pakken. Want dit zijn de ingrediënten voor de toekomstige groei van ondernemingen en dus onze toekomstige welvaart. Onder het motto less is more verduidelijkt het VBO zijn visie waar de overheid – volgens het VBO – dringend werk moet van maken.

Meningen erg verdeeld

Zet 10 politieke partijen bij elkaar en je krijgt ‘vuurwerk’. Het bij momenten bitsige debat maakt al snel duidelijk dat de meningen behoorlijk verdeeld zijn en soms zelfs lijnrecht tegenover elkaar staan. Onderwerp van het debat: vier kernthema’s. Arbeidsmarkt, competitiviteit, milieu & klimaat en mobiliteit. Het debat verliep woelig, niet alleen visies en meningen, maar ook beschuldigingen werden over en weer geslingerd. Kritische jongeren reageerden pessimistisch vanuit het politieke café in de andere zaal. “Ze luisteren niet naar ons.” “Ze zijn alleen met zichzelf bezig, terwijl wij alleen concrete acties willen.”

Arbeidsmarkt, een van de 12 werken

“Wij zijn als land niet klaar voor de toekomst”, zo leidt Pieter Timmermans dit thema in. “Onze werkzaamheidsgraad is eerder matig en toch hebben we nu al een 150.000-tal openstaande vacatures. Dit is niet normaal.” Daarom stelt het VBO een aantal hefbomen voor. Om te beginnen een individueel opleidingsbudget doorheen de loopbaan. Beperking van de werkloosheid in de tijd. En aanpassingen in ons onderwijssysteem om op de lange termijn voldoende juist opgeleide werkkrachten te hebben. Voor enkele jongeren in het aanpalende café gaat dit niet ver genoeg: “Ik ben 20 jaar en ook ik ben analfabeet in de digitale wereld. We moeten allemaal nu opleiding volgen.” Uiterst scherp was ook de voorzitter van Défi: “Het is een schande dat er nog steeds jongeren de schoolbanken verlaten zonder diploma of met een diploma zonder enige waarde op de arbeidsmarkt van vandaag of morgen. De kosten van het onderwijs staan niet in verhouding tot dit resultaat.”

Lees hier het volledige VBO Verkiezingsmemorandum: http://www.vbo-feb.be/globalassets/actiedomeinen/overheid–beleid/overheid–beleid/het-vbo-verkiezingsmemorandum-het-vbo-gaat-voor-lessismore2019/vbo_memorandum_web_v2.pdf

FOTO: zie plaatje in persbericht – http://www.vbo.be/newsletters/pb-2019.02.04-het-vbo-verkiezingsmemorandum-het-vbo-gaat-voor-lessismore2019/

 

Geplaatst in Opdrachtgever, Wetgeving inhuur | Tags , , | Reacties uitgeschakeld voor De 12 werken van het VBO

Als freelancer overstappen naar een vennootschap? Geen zwartwitverhaal!

Welke ondernemingsvorm is financieel het voordeligst? Sinds het Zomerakkoord is de overstap van eenmanszaak naar vennootschap hot topic. Ook bij freelancers. Het vlakke – en lagere – tarief van de vennootschapsbelasting lijkt in eerste instantie aanlokkelijker dan het maximale tarief van 50% in de personenbelasting. Maar zo eenduidig is de kwestie zelden.

Het tarief in de vennootschapsbelasting bedraagt vandaag standaard 29,58%, maar ‘kleine ondernemingen’ – waartoe de meeste freelancers behoren – kunnen genieten van het ‘verlaagd vast tarief’ in de vennootschapsbelasting van 20,4%. Dit tarief geldt enkel op de eerste schijf van 100.000 euro winst op jaarbasis, maar in de meeste gevallen komen freelancers niet tot aan dat plafond. Vanaf 2020 wordt dit verlaagd tarief 20%.

De ene taks is de andere niet

Puur de tarieven van personenbelasting en vennootschapsbelasting vergelijken is wat kort door de bocht. Beide hebben hun eigen fiscale spelregels. Bovendien zijn ze moeilijk vergelijkbaar: wie een vennootschap heeft, betaalt namelijk vennootschapsbelasting én personenbelasting. Een vennootschap is immers een aparte rechtspersoon die inkomsten int en uitgaven betaalt. U kunt in een vennootschap dus niet zomaar geld uit de kassa halen. Uzelf geld uitkeren kan dan alleen via geijkte technieken, zoals loon, dividend, kostenvergoedingen, voordeel alle aard enz.

Kortom: pas als uw personenbelasting hoger uitkomt dan een vennootschaps- en personenbelasting samen, is een overstap het overwegen waard.

Waaier aan factoren

De fiscale druk is namelijk lang niet de enige factor. Naar een vennootschap overstappen kan ook om andere redenen. Denk maar aan het beperken van aansprakelijkheid of de samenwerking met anderen formaliseren. In deze webinar doen we nog meer juridische, financiële en formele aspecten van dit thema uit de doeken.

Ook bij de overstap zelf komen een aantal zaken kijken. Fiscaal wordt uw zelfstandige activiteit bijvoorbeeld stopgezet. De stopzettingsmeerwaarden die hieruit voortvloeien, zijn – wat dacht u – belastbaar. Maar dit hoeft niet per se negatief te zijn, want dit biedt u de mogelijkheid om opnieuw fiscaal af te schrijven in de vennootschap.

Een overstap is, met andere woorden, een delicaat topic dat bij elke freelancer anders ligt, met eigen opportuniteiten, aandachtspunten en verplichtingen.

Vermoedt u dat uw zaak baat zou hebben bij een nieuwe ondernemingsvorm? Ga dan langs bij een accountant. Hij of zij kan een berekening maken op maat van uw situatie, u helpen met een financieel plan, en u door het doolhof van verplichtingen loodsen.

Voor- en nadelen van beide

Alle mogelijke factoren opsommen om voor het ene of het andere te kiezen, is onbegonnen werk. Maar dit overzicht kan alvast helpen:

Voordelen Nadelen
Zelfstandig freelancer Snelle en goedkope opstart Personenbelasting meestal iets minder voordelig (hoogste tarief = 50%)
U kunt inkomsten direct persoonlijk aanwenden Geen bescherming van privévermogen
Weinig formaliteiten (enkelvoudige boekhouding)

 

Voordelen Nadelen
Vennootschap Uw privévermogen is afgescheiden van het ondernemingsrisico Meer boekhoudkundige en juridische verplichtingen
Vennootschapsbelasting doorgaans voordeliger Strikte regels vennootschapsrecht (zoals minimumkapitaal, werking vennootschap)
Investeringen kunnen gedragen worden door de vennootschap en privé Meer kosten bij oprichting en administratieve verplichtingen
Gevarieerde loonmix mogelijk: bezoldiging, auto, huur, enz. Fiscale anti-misbruikregels: vb. overdreven hoge huurprijs wordt beschouwd als loon

Waaier aan situaties

Soms hoor je wel eens de leuze ‘vanaf 70.000 euro inkomsten is een vennootschap interessanter’. Dit is een loze slogan. Er bestaat niet één grens, maar om het financieel interessant te maken, moet het inkomen in de personenbelasting wel voldoende hoog zijn. Bovendien spelen ook uw gezinssituatie én het inkomen dat u uit uw vennootschap wilt halen mee.

Een rekenvoorbeeld

Laat ons even de hele kwestie concreet maken met drie overstapscenario’s.

  1. Een freelancer heeft een bruto-inkomen van 70.000 euro. Hij betaalt jaarlijks 1.500 euro administratiekosten en 10.000 euro beroepskosten. Hij wenst een bruto jaarbezoldiging als bedrijfsleider van 30.000 euro en krijgt een wagen ter beschikking (voordeel alle aard van 1.400 euro).
  2. Zelfde situatie als 1 maar hij behaalt een bruto-inkomen van 80.000 euro.
  3. Zelfde situatie als 1 maar hij wenst 35.000 euro bruto jaarbezoldiging.

Bij de berekeningen van de vennootschapsbelasting houden we onder meer rekening met oprichtingskosten, hogere administratiekosten, afschrijvingen en de uitgekeerde bezoldiging aan de freelancer-bedrijfsleider.

Op basis van onze interne SBB-rekentool houdt deze freelancer na 5 jaar volgende bedragen over:

Netto-inkomen na 5 jaar (in euro) Zelfstandige activiteit Vennootschap Verschil
Situatie 1 143.067 170.402 27.335
Situatie 2 162.987 206.692 43.705
Situatie 3 143.067 162.391 19.324

In situatie 2 is het verhaal duidelijk: een overstap naar een vennootschap is – puur vanuit fiscaal oogpunt – zeker te overwegen.

Een simulatie op maat

Elke situatie is verschillend, dus de gepaste ondernemingsvorm is per definitie maatwerk. Wilt u graag een berekening op maat van uw zaak? Een SBB-adviseur helpt u graag verder.

Geplaatst in Financiën, Freelancer | Tags , | Reacties uitgeschakeld voor Als freelancer overstappen naar een vennootschap? Geen zwartwitverhaal!

Personeel leveren via een MSP. Liever niet? Of graag!

Veel leveranciers van tijdelijk personeel en freelancers zijn al eens verrast door een nieuw MSP-programma bij een van hun opdrachtgevers. Niet vreemd, want sinds 2009 hebben een groot aantal multinationals, ook in België en Nederland een MSP-programma geïmplementeerd. Vaak in samenwerking met lokale of internationale MSP service providers zoals bijvoorbeeld TAPFIN, Randstad Sourceright, Pontoon of Staffing Management Services.

Terughoudendheid bij aanvang

In de eerste generatie MSP’s ontstond er veel weerstand bij leveranciers, waarbij zij zich beklaagden over alle “desastreuze gevolgen” die het inzetten van een MSP voor hen had. Leveranciers mochten geen rechtstreeks contact meer hebben met de inhurende managers, wat de kwaliteit van dienstverlening en van kandidaten zou schaden. Daarnaast zorgden supplier funded modellen (waarbij de leverancier kosten voor MSP en VMS uit zijn marge betaalt) voor marge-erosie. Daarbij kwam nog verdere margedruk door rationalisatie van de leveranciersgroep.

Veel leveranciers maakten – bewust of onbewust – de keuze om aan andere klantgroepen prioriteit te geven. Daar konden ze immers met het traditioneel voorzien van aanvragen hogere marges realiseren. Bovendien bestond er bij veel partijen nog de (ijdele) hoop dat MSP’s een voorbijgaand fenomeen zouden zijn. Want afgezien van wat korte termijnbesparingseffecten voor de inleners die de MSP geïmplementeerd hadden, zagen zij geen winnaars.

Relaties tussen partijen geëvolueerd

Inmiddels weten we dat de MSP-programma’s gebleven zijn. Inleners én MSP-partijen waren niet doof voor de weerstand die ontstond bij de leveranciers. De samenwerking tussen de MSP en leveranciers is geëvolueerd tot een volwassen partnership. De krapper wordende arbeidsmarkt heeft hier zeker ook zijn steentje toe bijgedragen. Contacten tussen inhurende managers en leveranciers zijn ondertussen veelal toegestaan, bijvoorbeeld om zaken af te stemmen die relevant zijn voor het vinden van het juiste talent. Daarbij komt dat de kosten voor MSP-diensten en VMS-technologie gedaald zijn en nu vervat zitten in de leverancierstarieven. Supplier funding roept hierdoor minder weerstand op.

Efficiëntievoordeel voor alle partijen

De vraag is nu: hebben leveranciers zich aangepast om succesvol met MSP’s te werken? Het traditionele één op één-proces tussen leveranciers en opdrachtgevers sluit immers niet aan op de realiteit van MSP’s. Zij distribueren de aanvragen min of meer hapklaar in bulk naar een hele groep aangesloten leveranciers.

De traditioneel grote meerwaarde van persoonlijke relaties met aanvragers is zo opnieuw in een realistisch perspectief geplaatst, waarbij kwaliteit wordt beoordeeld op zowel de efficiëntie van het proces als als op de kwaliteiten van de kandidaat. Factoren zoals snel en accuraat communiceren en een goede scoring realiseren op voorgedragen kandidaten zijn belangrijke indicatoren waarop een opdrachtgever samen met de MSP de leveranciers beoordeelt. Tegelijkertijd biedt het goed organiseren en regelen van deze processen intern bij de opdrachtgever aan leveranciers de kans op het behalen van een uitstekend rendement op MSP belevering. Eigen processen worden efficiënter gemaakt waardoor de lagere marge (meer dan) gecompenseerd kan worden.

Objectieve parameters

Een goed ingericht Managed Service Programma biedt zo niet alleen voordelen voor de inhurende opdrachtgever. Het geeft ook de leveranciers de mogelijkheid tot het vergroten van het marktaandeel, de invulling van het partnership op basis van concrete prestaties in plaats van subjectieve perceptie bij inhurende managers en – erg belangrijk – hoeft door efficiëntere interne processen niet tot margeverlies te leiden.

Geplaatst in Inhuurvolwassenheid, Opdrachtgever | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Personeel leveren via een MSP. Liever niet? Of graag!