Groeien mét mensen – België zal productiviteitswinst en jobcreatie verzoenen
Terwijl België – een weliswaar beperkte – economische groei blijft realiseren, neemt het aantal vacatures in ons land al een aantal kwartalen nadrukkelijk af. De werkzoekendencijfers stijgen weer. Media besteden opvallend veel aandacht aan het feit dat bachelors en masters almaar minder jobkansen zien. Die situatie vraagt geen versterking van paniekerig doemdenken stelt arbeidsmarktexpert Jeroen Franssen, maar een herijking van ons denken over productiviteit, werk, welzijn en welvaart.
De nieuwe realiteit: van ‘groei op basis van extra jobs’ naar ‘groei zonder jobs’
De discussie over werk en economische groei kantelt fundamenteel. De vanzelfsprekende, rustgevende balans tussen economische groei, productiviteit en werkgelegenheid staat wereldwijd duidelijk onder druk. Ook in België is die spanning vandaag scherp zichtbaar. Samen met internationale en andere Belgische experten stelt Jeroen Franssen een groeiende disbalans vast waarbij de slinger nu lijkt over te hellen naar groei zonder jobs.
Hij haalt eerst een ouder pijnpunt aan. “Ik wil er op wijzen dat in België al eerder sprake was van een disbalans. Die van economische groei, enkel op basis van extra jobs. Tussen 2017 en 2023 groeide onze economie en kende België een periode van uitzonderlijk sterke jobcreatie, terwijl de productiviteitsgroei bleef hangen op een betekenisloos jaarlijks gemiddelde van 0,1%. Die combinatie heeft een duidelijke erfenis nagelaten: structurele krapte op de arbeidsmarkt, tekorten aan snel inzetbare profielen en een toenemende mismatch tussen gevraagde en beschikbare competenties in een technologisch versnellend landschap.”
“Ondernemers en bedrijfsleiders voelen dat al jaren”, vervolgt hij. “Deze situatie nam hoe langer hoe structurelere proporties aan en dat verklaart de best heftige contrabeweging. Het accent verschuift vandaag ook in ons land – net als in de rest van de wereld – nadrukkelijk richting productiviteitsstijging. Zeker nu artificiële intelligentie een vooralsnog geloofwaardige belofte inhoudt om werk efficiënter te organiseren.”
Die verschuiving wordt door sommigen geïnterpreteerd als een breuk met het klassieke groeimodel. In haar analyse over ‘groei zonder banen’ wijst de immer provocatief inspirerende Eryn Peters terecht op het risico dat economische groei en jobcreatie uit elkaar kunnen lopen. “Dat spanningsveld is reëel en verdient aandacht. Maar een te lineaire extrapolatie van internationale trends zou het zicht op de Belgische realiteit kunnen vertroebelen”, aldus Jeroen Franssen.
Productiviteitgroei: geen jobverlies, wel impactvolle herkalibratie
“De kernvraag is niet of jobcreatie moet prevaleren over productiviteitstijging. Het echte debat moet gaan over wat we doen met de winst die groei van productiviteit ons oplevert. Te vaak wordt productiviteitsgroei herleid tot een koude ratio: meer output met minder mensen. In dat scenario vloeit de winst vooral naar kostenbesparing of margeverbetering, met reële sociale spanningen tot gevolg.”
“Maar dat is niet het enige en zeker niet het meest duurzame pad. Productiviteitswinst kan en moet – dat is mijn persoonlijke vaste overtuiging – meer dan ooit worden ingezet als hefboom voor een kwaliteitscyclus: betere producten en diensten, rijker klantencontact en meer werkcomfort voor medewerkers. Door vrijgekomen tijd te herinvesteren in kwaliteit, verlagen organisaties uitval, verhogen ze hun aantrekkelijkheid als werkgever en versterken ze hun concurrentiekracht. Op termijn leidt dat niet tot minder, maar tot ander werk.”
De kernvraag is niet of jobcreatie moet prevaleren over productiviteitstijging. Het echte debat moet gaan over wat we doen met de winst die groei van productiviteit ons oplevert. Te vaak wordt productiviteitsgroei herleid tot een koude ratio: meer output met minder mensen.
In de visie van Jeroen Franssen vernietigt productiviteitswinst dus niet automatisch jobs; ze herkalibreert ze. Ze verschuift waar, wanneer en in welke sectoren nieuwe banen ontstaan. Die transities gaan onvermijdelijk gepaard met socio-economische stress. Landen, economieën die veranderbereid maar ook -deskundig zijn,vangen die schokken beter op dan landen die blijven vasthouden aan verworven structuren alsof ze tijdloos zijn. ‘Change-ready’ en ‘change-capable’ zijn de socio-economische succesadjectieven.
Federaal Planbureau: Belgische groei blijft werk creëren
Belangrijk is dat de Belgische vooruitzichten duidelijk afwijken van het narratief van structurele jobloze groei. Volgens cijfers van het Federaal Planbureau blijft de binnenlandse werkgelegenheid de komende jaren toenemen, met een verwachte stijging tot meer dan 75% werkgelegenheidsgraad tegen 2031. Dat is geen detail. Het wijst erop dat productiviteitsinspanningen in België niet plaatsvinden in een context van massale jobafbouw, maar naast aanhoudende jobcreatie.
Maar Jeroen Franssen wijst meteen ook op het cruciale punt: “Deze gunstige prognose neemt niet weg dat de aard van werk verandert. Zo ligt vandaag de nadruk terecht sterk op STEM-profielen en technologische competenties die de productiviteitsbelofte van digitalisering en AI moeten waarmaken. Dat is logisch in een fase waarin systemen worden gebouwd, uitgerold en geoptimaliseerd. Maar eens die infrastructuur op kruissnelheid komt, ontstaat opnieuw een organische vraag naar menselijke vaardigheden: nabijheid, vertrouwen, diplomatie, ethiek en zorg. Human skills en social sciences zijn dus zeker niet ten dode opgeschreven, wel integendeel. Productiviteit en menselijkheid zijn geen tegenpolen, maar elkaars voorwaarde.”
Interne welvaart vraagt internationale slagkracht
“Een focus op jobs voor interne bestedingen en levensstandaard, die Eryn Peters in haar artikelenreeks benadrukt, is terecht”, stelt Jeroen Franssen. “Zeker in een sociaal sterk model als het Belgische. Maar dat verhaal is onvolledig zonder productiviteitsfocus. Naast loonkost is productiviteit de sleutel tot internationale concurrentiekracht. En daar knelt het demografische plaatje. België – en Europa bij uitbreiding – kan zich niet permitteren om uitsluitend op interne markten te teren. Zonder sterke exportpositie en internationale relevantie komt onze welvaartsstaat onder druk.”
“België heeft historisch een hoge productiviteit. Door die opnieuw strategisch te benutten en te versterken, kunnen we internationale business aantrekken of heroveren. Dat zet opnieuw een positieve dynamiek in gang: groei, investeringen en op termijn ook bijkomende tewerkstelling. De uitdaging is niet om de vicieuze cirkel te ontkennen, maar om hem bewust in de juiste richting te laten draaien. Na technologie volgt opnieuw menselijk werk.”
Jeroen Franssen stelt gerust: “De huidige disbalans tussen groeien via productiviteit en groeien via extra tewerkstelling is opvallend, maar niet structureel. Ze past binnen een cyclische beweging waarin technologie eerst arbeid ontlast en herorganiseert om daarna opnieuw ruimte te maken voor nieuw werk. Het echte risico zit niet in productiviteitsgroei zelf, maar in een gebrek aan visie over hoe die winst tegelijk sociaal en economisch wordt ingezet.”
Uitnodiging tot debat over de kansen die productiviteit biedt
Wie ‘inzetten op productiviteit’ uitsluitend ziet als bedreiging, onderschat haar potentieel. Wie ze blind verheerlijkt, negeert haar maatschappelijke impact. De Belgische uitdaging ligt precies daartussen: productiviteit niet gebruiken om mensen overbodig te maken, maar om werk duurzamer, waardevoller en toekomstbestendig te organiseren.
Wie ‘inzetten op productiviteit’ uitsluitend ziet als bedreiging, onderschat haar potentieel. Wie ze blind verheerlijkt, negeert haar maatschappelijke impact.
Dat is geen pessimistisch verhaal, maar een uitnodiging. Een uitnodiging tot een volwassen debat met open geest. En vooral tot keuzes die erkennen dat economische vooruitgang pas echt telt wanneer die ook sociaal wordt verankerd.
Jeroen Franssen – Evangelist on New Ways of Working, Learning & Coaching
