Van tien Europese landen kiest meerderheid nog steeds voor tweedeling ‘werknemer versus zelfstandige’

Recent publiceerde PwC Legal The Gig Economy Employment Status Report dat de sociale wetgeving binnen de gig economie onder de loep neemt in tien verschillende Europese landen. Het rapport brengt een analyse van hoe er lokaal wordt omgegaan met de evolutie van de gig economie.

Veranderende businessmodellen

“Innovatieve ideeën, zoals Ride-Sharing apps, wijken volledig af van de manier van (samen)werken die we tot nu toe kenden. Het succes van die ondernemingen toont duidelijk aan dat er een vraag is naar vernieuwing, maar nieuwe businessmodellen vragen ook om een specifiek legislatief kader. Of het nu gaat om een chauffeur van Uber, een koerier van Deliveroo of een handige harry van Listminut, flexibliteit en autonomie zijn de essentie van elk businessmodel. Voor de werker, maar ook voor de consument. Die snelle, klantgerichte, digitale aanpak blijkt een succesformule te zijn, maar er zijn wel wat risico’s aan verbonden. Eén van de meest kritische punten is het statuut van werkers in de gig economie, zo blijkt. Zijn het zelfstandigen of toch eerder werknemers? Het rapport laat het licht schijnen op tien landen om te bekijken hoe hier lokaal mee wordt omgegaan”, licht Jessica De Bels, Managing Associate bij PwC Legal, toe.

Het zijn de stakeholders in de gig economie die schreeuwen om een duidelijke wetgeving die inspeelt op de evoluerende businessmodellen.

Europa dringt aan op reflectie

In haar European Agenda for the Collaborative Economy van 2016 dringt de Europese Commissie er bij de lidstaten op aan na te gaan of hun nationale wetgeving adequaat is en te reflecteren of de huidige tweedeling, werknemers versus zelfstandigen, nog relevant is. “We hebben de verschillende nationale wetgevingen en lokale initiatieven onderzocht en vergeleken om beter te begrijpen hoe de diensten in de gig economie vandaag de dag worden gekwalificeerd en benaderd in een aantal prominente Europese lidstaten. Het zijn de stakeholders in de gig economie die schreeuwen om een duidelijke wetgeving die inspeelt op de evoluerende businessmodellen. Willen we dat bedrijven blijven investeren in onze lokale economie, dan moeten wij hetzelfde doen”, zegt Jessica De Bels.

Klassieke tweedeling blijft de norm

“De meerderheid van de landen kiest nog steeds voor klassieke tweedeling. Ofwel ben je werknemer, ofwel zelfstandige. Het grootste verschil tussen beide statuten wordt bepaald door de mate waarin het platform gezag kan uitoefenen op de werker. Opvallend is dat in drie landen (Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk) ook een derde statuut bestaat, dat een vorm van sociale bescherming combineert met een grotere flexibiliteit. Geen enkel bestaand statuut komt echter tegemoet aan de noden van de gig economie. Bewijs hiervan is dat in de meerderheid van de landen waar we de situatie onderzochten rechtszaken lopen die het statuut van werkers in de gig economie in vraag stellen “, aldus De Bels.

België heeft de kans om een voortrekkersrol te spelen die de gig economie én hun medewerkers volop laat ontwikkelen.

Voortrekkersrol ligt voor het grijpen

“Door de stuwende veranderingen die de gig economie met zich meebrengt, stellen we een shift vast in de noden op de arbeidsmarkt. Deze veranderingen vormen een enorme uitdaging voor het adaptatievermogen van het Belgisch wetgevend kader. Het is echter aan de overheid om responsief op te treden en behendig om te gaan met alle uitdagingen die de gig economie met zich meebrengt. België heeft de kans om een voortrekkersrol te spelen die de gig economie én hun medewerkers volop laat ontwikkelen. Het zou jammer zijn deze niet te grijpen. We moeten dan ook het arbeidsrechtelijk kader volledig durven herdenken om een evenwicht te vinden tussen sociale bescherming en de noden van de huidige economie. Rechtszekerheid, transparantie en flexibiliteit, moeten de bouwstenen vormen van een nieuw arbeidsrecht”, zo concludeert De Bels.

Lees het rapport hier na The Gig Economy Employment Status Report

4 reacties op dit bericht

  1. Ik vind het niet kunnen dat in deze tijd te weinig aandacht wordt besteed aan de “discriminatie” tussen het zelfstandig statuut en het werken in dienstverband. De sociale zekerheid voor de zelfstandigen mag m.i. gelijkgesteld worden met die van de werknemers. Hoewel men al een kleine verbetering waarneemt blijf ik toch eenvorm van discriminatie zien. De ziekteverzekering mag er dan op vooruit gegaan zijn, toch is er geen enkele zelfstandige die recht heeft op een leefloon of werkloosheidsuitkeringen. Ik werk op het arbeidsauditoraat en werk dagelijks met alle takken van de sociale zekerheid en ik durf stellen dat onze zelfstandigen serieus in de kou blijven staan. Mocht er meer evenwicht komen zou het 3de luik (de schijnzelfstandigheid) volledig kunnen verdwijnen waardoor er dan minder sociale fraude wordt gepleegd.

    • Beste Nicole, hartelijk dank voor je uitgebreide reactie, recht uit het hart. Een van de redenen waarom we met NextConomy gestart zijn, is net het aanzwengelen van het debat over dit soort situaties die uit de vorige eeuw komen en hun beste tijd al lang hebben gehad. Blijf ons dus vooral volgen of lever zelf bijdrages aan de discussie. Dat kan bijvoorbeeld al op 3 oktober e.k. We organiseren dan weer een debatavond met een panel aan experten bij deBuren in Brussel over dit thema. Je bent van harte welkom om daar je hart te luchten! Aanmelden kan binnenkort op onze website, we zijn nog bezig met de webpagina klaar te zetten. Graag tot dan! Marleen

    • Dank je wel voor je fijne reactie Christophe! Binnenkort is er weer een NextConomy debatavond over dit thema. Noteer alvast 3 oktober – deBuren (BXL) – paneldebat met actieve inspraak van het publiek. Alle info en aanmelden binnenkort op onze website! Tot dan?!